ECLI:NL:RBROT:2025:3839

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
17 maart 2025
Publicatiedatum
25 maart 2025
Zaaknummer
C/10/695057 / FA RK 25-1506
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • E. van Lunenberg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 283 RvArt. 7:11 Wvggz
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek zorgmachtiging na intrekking door officier van justitie

De officier van justitie heeft op 25 februari 2025 een verzoek ingediend voor een zorgmachtiging aansluitend op een voortzetting van een crisismaatregel op grond van artikel 7:11 Wvggz Pro. De behandeling van het verzoek vond plaats op 10 maart 2025, waarna de behandeling werd aangehouden.

Op 14 maart 2025 heeft de officier van justitie het verzoek ingetrokken na overleg met betrokken instanties, waaronder de reclassering en de geneesheer-directeur. Volgens artikel 283 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een verzoek worden verminderd zolang de rechter nog geen eindbeschikking heeft gegeven, waarbij intrekking als vermindering tot nihil geldt.

De rechtbank oordeelt dat het ingetrokken verzoek moet worden afgewezen en wijst het verzoek tot zorgmachtiging af. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Uitkomst: Het verzoek tot zorgmachtiging wordt afgewezen na intrekking door de officier van justitie.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team familie
Zaak-/rekestnummer: C/10/695057 / FA RK 25-1506
Referentienummer: [nummer]
Beschikking van 21 maart 2025 betreffende een zorgmachtiging in aansluiting op een voortzetting crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:11 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)
op verzoek van:
de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam,hierna: de officier,
met betrekking tot:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1985, [geboorteplaats] ,
hierna: betrokkene,
wonende te [woonplaats] ,
op dit moment verblijvende in [naam kliniek] te [plaatsnaam] ,
advocaat mr. J.J. van Santbrink te Rotterdam.

1.Procesverloop

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 25 februari 2025.
  • het proces-verbaal van aanhouding van de mondelinge behandeling van 10 maart 2025;
  • het bericht van de officier van 13 maart 2025;
  • de e-mail van de geneesheerdirecteur aan de officier van 14 maart 2025;
  • de intrekking van het verzoek van de officier van 14 maart 2025;
  • het bericht van de advocaat van 17 maart 2025.

2.Beoordeling

2.1.
Bij beschikking van deze rechtbank van 4 februari 2025 is een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verleend. Tijdig, te weten op 25 februari 2025, heeft de officier het verzoek voor een zorgmachtiging aansluitend op een voortzetting crisismaatregel ingediend. Op 10 maart 2025 is de behandeling van het verzoek aangehouden. Hiervan is proces-verbaal opgemaakt. Op 14 maart 2025 heeft de officier middels een e-mail bericht laten weten dat zij -na contact met de reclassering, de officier van justitie van het arrondissement Zeeland-West-Brabant en de geneesheer-directeur van Antes- het verzoek intrekt. Op grond van artikel 283 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een verzoek worden verminderd zolang de rechter nog geen eindbeschikking heeft gegeven. Uit jurisprudentie volgt dat het intrekken van een verzoek geldt als een vermindering van het verzoek in de zin van artikel 283 Rv Pro en wel tot nihil. Gelet op de intrekking zal de rechtbank het oorspronkelijke verzoek afwijzen.
3. Beslissing
De rechtbank wijst het verzoek af.
Deze beschikking is op 21 maart 2025 gegeven door mr. E. van Lunenberg, rechter, in tegenwoordigheid van mr. Z.P. van der Knaap, griffier.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.