ECLI:NL:RBROT:2025:4006

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
27 februari 2025
Publicatiedatum
28 maart 2025
Zaaknummer
C/10/692887 / HA RK 25-52
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:204 lid 1 onder a BWArt. 4:225 lid 1 BWArt. 4:206 lid 6 BWArt. 288 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming van Partiar B.V. tot vereffenaar nalatenschap wegens onbekende erfgenamen

Op 21 januari 2025 ontving de rechtbank Rotterdam een verzoek van de Staat der Nederlanden, ministerie van Financiën, om Partiar B.V. aan te wijzen als vereffenaar van de nalatenschap van een overledene die op 8 november 2023 in Rotterdam is overleden.

De overledene had geen testament, was ongehuwd, had geen geregistreerde partner of kinderen, en de moeder was overleden zonder andere kinderen. De vader is onbekend in de Basisregistratie Personen. Hierdoor is het onduidelijk of er erfgenamen zijn, wat nader onderzoek vereist.

De verzoekster is schuldeiser met een vordering van €155,- en heeft belang bij benoeming van een vereffenaar om de nalatenschap te beheren en de vordering te voldoen. De rechtbank wijst het verzoek toe, benoemt Partiar B.V. tot vereffenaar en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

De vereffenaar moet de benoeming bekendmaken in de Staatscourant en de griffier wordt verzocht dit in het boedelregister in te schrijven en de kantonrechter te informeren. Een proceskostenveroordeling wordt afgewezen omdat het een eenzijdig verzoek betreft zonder belanghebbenden.

Uitkomst: Partiar B.V. wordt benoemd tot vereffenaar van de nalatenschap van de overledene.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven
zaaknummer / rekestnummer: C/10/692887 / HA RK 25-52
Beschikking van 27 februari 2025
in de zaak van
de publiekrechtelijke rechtspersoon
DE STAAT DER NEDERLANDEN (ministerie van Financiën, Directoraat-General Belastingdienst),
zetelend te Den Haag,
verzoekster,
advocaat mr. R.A.J. Nieuwmans te Leiden.

1.Het procesverloop

1.1.
Op 21 januari 2025 is bij de rechtbank ingekomen het verzoekschrift van verzoekster om een vereffenaar te benoemen op grond van artikel 4:204 lid 1 onder Pro a BW, met producties.
1.2.
Omdat er geen belanghebbenden bekend zijn en verzoekster geen prijs stelt op een mondelinge behandeling, doet de rechtbank zonder mondelinge behandeling uitspraak.

2.De beoordeling

2.1.
Verzoeker vraagt om Partiar B.V. tot vereffenaar te benoemen in de nalatenschap van [naam persoon] (hierna: de overledene), die op 8 november 2023 is overleden in Rotterdam. De rechtbank wijst het verzoek toe. Hierna wordt toegelicht hoe tot dit oordeel is gekomen.
2.2.
De rechtbank kan, als een nalatenschap niet onder voorrecht van boedelbeschrijving is aanvaard door een erfgenaam, op verzoek van een belanghebbende of het openbaar ministerie een vereffenaar benoemen, wanneer er geen erfgenamen zijn, wanneer het niet bekend is of er erfgenamen zijn, of wanneer de nalatenschap niet door een executeur wordt beheerd en de erfgenamen die bekend zijn haar geheel of ten dele onbeheerd laten (artikel 4:204 lid 1 onder Pro a BW).
2.3.
De overledene komt niet voor in het boedelregister, zodat de nalatenschap van de overledene niet onder voorrecht van boedelbeschrijving is aanvaard. Ook aan de andere voorwaarden om een vereffenaar te benoemen is voldaan, want verzoekster is belanghebbende en het is niet bekend of er erfgenamen zijn. Dit wordt hierna toegelicht.
2.4.
Verzoekster is belanghebbende bij het verzoek, omdat zij schuldeiser is. Verzoekster stelt namelijk zij nog een bedrag van € 155,- tegoed heeft van de overledene.
2.5.
Aan de andere voorwaarde om een vereffenaar te benoemen is ook voldaan, want het is niet bekend of er erfgenamen zijn. De overledene heeft niet bij testament over zijn nalatenschap beschikt, zodat op grond van de wet beoordeeld moet worden wie zijn erfgenamen zijn. De overledene was ongehuwd, niet geregistreerd als partner en heeft geen kinderen achtergelaten. Volgens de Basisregistratie personen (hierna: Brp) is de moeder van de overledene op 6 maart 2020 overleden en had zij geen andere kinderen. De vader van de overledene komt niet voor in de Brp. Het is gelet hierop op dit moment niet bekend of er erfgenamen zijn. Daarvoor is nader onderzoek noodzakelijk.
2.6.
Verzoekster heeft ook voldoende toegelicht dat zij er een belang bij heeft als een vereffenaar wordt benoemd, omdat de nalatenschap op dit moment niet beheerd wordt, terwijl verzoekster een vordering heeft op de nalatenschap. De nalatenschap bevat volgens verzoekster een voldoende positief saldo om de vordering te voldoen. Er is dus een belang om een vereffenaar te benoemen die tot taak heeft om de nalatenschap te beheren en voor zover mogelijk de schulden van een nalatenschap te voldoen. Een vereffenaar heeft verder ook als taak om een erfgenamenonderzoek te verrichten naar de nog onbekende erfgenamen van de overledene (artikel 4:225 lid 1 BW Pro), zodat er voldoende belang is om een vereffenaar te benoemen.
2.7.
Het verzoek wordt gelet op het voorgaande toegewezen. De rechtbank benoemt de door verzoekster voorgestelde vereffenaar, Partiar B.V., tot vereffenaar, die zich daartoe ook bereid heeft verklaard. De vereffenaar moet de benoeming zelf bekend maken in de Staatscourant.
2.8.
Verzoekster vraagt een proceskostenveroordeling kosten rechtens. De rechtbank ziet geen grond voor een proceskostenveroordeling, omdat in het geval van een eenzijdig verzoek, waarbij belanghebbenden gehoord kunnen worden, in beginsel geen plaats is voor een kostenveroordeling. Dit wordt daarom afgewezen.
2.9.
De benoeming van de vereffenaar wordt, zoals verzocht, uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 288 Rv Pro).

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
benoemt Partiar B.V. (kantoorhoudende aan [adres]) tot vereffenaar in de nalatenschap van:
[naam persoon],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1939,
laatstelijk wonende in [plaatsnaam] ,
overleden op [datum] in [plaatsnaam] ,
3.2.
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
3.3.
draagt de vereffenaar op de benoeming bekend te maken in de Staatscourant;
3.4.
verzoekt de griffier de benoeming onverwijld in te schrijven in het boedelregister van de rechtbank op voet van het bepaalde in artikel 4:206 lid 6 BW Pro;
3.5.
verzoekt de griffier de kantonrechter te Rotterdam, locatie Rotterdam, op de hoogte te stellen van deze benoeming;
3.6.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. dr. P.G.J. van den Berg en in het openbaar uitgesproken op 27 februari 2025.
3120