Verzoeker heeft een schuldregeling aangeboden aan zijn schuldeisers, waarbij hij een percentage van zijn schulden tegen finale kwijting wil betalen. Zes van de zeven schuldeisers stemden in met dit akkoord, maar Hanselman Vastgoed B.V. weigerde instemming, omdat zij geen kwijtschelding wenst te verlenen zolang de huurovereenkomst niet is beëindigd en de woning ontruimd.
De rechtbank stelt vast dat de vordering van Hanselman slechts 4,4% van de totale schuld bedraagt en dat het akkoord zorgvuldig is opgesteld en getoetst door een onafhankelijke partij. Verzoeker werkt fulltime en voldoet aan de werkverplichting binnen de schuldsaneringsregeling. De rechtbank weegt het belang van verzoeker en de instemmende schuldeisers zwaarder dan dat van Hanselman.
De rechtbank beveelt Hanselman om in te stemmen met de schuldregeling en veroordeelt haar in de proceskosten. Tevens wijst de rechtbank het subsidiaire verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling af, omdat het akkoord een gunstiger resultaat voor de schuldeisers oplevert.