Op 5 december 2024 zijn twee medeverdachten betrapt met 12 dozen hennep in een opslagloods te Rotterdam. Verdachte was op enig moment aanwezig bij deze opslagloods en werd samen met de medeverdachten aangehouden. De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van 9 maanden wegens het aanwezig hebben van ongeveer 120 kilogram hennep.
De rechtbank oordeelde dat voor bewezenverklaring vereist is dat verdachte wetenschap had van de hennep en enige mate van beschikkingsmacht. Het dossier bevatte echter geen concrete aanwijzingen over de rol van verdachte. Enkel de aanwezigheid bij de opslagloods en het niet distantiëren van de hennepgeur waren onvoldoende.
Daarom heeft de rechtbank vastgesteld dat niet wettig en overtuigend is bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan. Verdachte is vrijgesproken. Tevens zijn beslaggenomen goederen teruggegeven of zullen worden teruggegeven. Het bevel tot voorlopige hechtenis is opgeheven.