Uitspraak
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 primair en 2 ten laste gelegde, te weten het overtreden van de artikelen 5a en 163 van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna WVW);
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden geheel voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren alsmede een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur 420 dagen met aftrek, waarvan 148 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren.
4.Waardering van het bewijs
5.Strafbaarheid feiten
1.overtreding van artikel 5a van de Wegenverkeerswet;
overtreding van artikel 163, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Bijlagen
10.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) maand;
2 (twee) jaren;
taakstraf voor de duur van 100 (honderd) uren, waarbij Reclassering Nederland, dan wel de daartoe aangewezen instantie in België dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
50 (vijftig) dagen;
de bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de tijd van
630 (zeshonderddertig) dagen;