ECLI:NL:RBROT:2025:4778
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op forfaitair bedrag bij niet-aanvraag kinderopvangtoeslag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Dienst Toeslagen waarin werd bepaald dat hij geen recht heeft op het forfaitaire bedrag van €30.000,- op grond van de Catshuisregeling, omdat hij geen kinderopvangtoeslag heeft aangevraagd.
De rechtbank heeft het beroep beoordeeld zonder zitting, omdat partijen geen zitting wensten. De Dienst Toeslagen baseerde het besluit op artikel 2.7, eerste lid, van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht), waarin is bepaald dat alleen aanvragers van kinderopvangtoeslag die in aanmerking komen voor een herstelmaatregel aanspraak kunnen maken op het forfaitaire bedrag.
Eiser stelde dat hij destijds ten onrechte telefonisch is geïnformeerd dat hij geen aanspraak kon maken en dat dit niet is onderzocht. De rechtbank oordeelde dat dit geen grond is om af te wijken van het besluit, omdat eiser geen aanvrager was en dit niet onderzocht hoeft te worden in de lichte toets.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond, blijft het bestreden besluit in stand en krijgt eiser geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.