Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2025:4810

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
8 april 2025
Publicatiedatum
22 april 2025
Zaaknummer
11246134 VZ VERZ 24-7279
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5:130 BWArt. 2:15 lid 1 BWArt. 5:124 BWArt. 2:14 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot vernietiging besluit verdeling subsidie blokverwarming afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid

Verzoeker, eigenaar van een appartement en lid van de VvE, verzocht de kantonrechter het besluit van de VvE over de verdeling van de subsidie Tijdelijke Tegemoetkoming Blokverwarming (TTB) te vernietigen. Verzoeker stelde dat de subsidie onrechtmatig op basis van woonoppervlakte was verdeeld, terwijl dit volgens hem op basis van verbruik had moeten gebeuren.

De VvE voerde verweer en stelde dat er geen besluit door de VvE-vergadering was genomen, maar slechts een bestuursbesluit, waardoor het verzoek niet-ontvankelijk was. De kantonrechter oordeelde dat alleen besluiten van de vergadering vernietigd kunnen worden en dat uit de notulen bleek dat er geen besluit was genomen op de vergadering van 4 juli 2024. De brief aan verzoeker waarin werd gesteld dat er wel een besluit was genomen, bleek onjuist en de notulen waren te laat verstrekt.

Daarnaast overwoog de kantonrechter dat zelfs bij ontvankelijkheid het verzoek niet zou slagen, omdat de subsidieregeling ruimte biedt voor verdeling op basis van vloeroppervlak en gelijke delen in bepaalde situaties. De VvE had de subsidie verdeeld over twee periodes, waarbij de eerste periode gelijk werd verdeeld om vertraging en extra kosten te voorkomen, wat in lijn was met het doel van de regeling.

De kantonrechter verklaarde het verzoek niet-ontvankelijk en compenseerde de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt, vanwege de onduidelijkheid die was ontstaan door de late en onjuiste informatie aan verzoeker.

Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot vernietiging van het besluit over de verdeling van de subsidie.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11246134 VZ VERZ 24-7279
datum uitspraak: 8 april 2025
Beschikking van de kantonrechter
in de zaak van
[verzoeker],
woonplaats: Rotterdam,
verzoeker,
die zelf procedeert,
tegen
[verweerster],
vestigingsplaats: Rotterdam,
verweerster,
gemachtigde: mr. A.C. Merkus.
De partijen worden hierna ‘[verzoeker]’ en ‘[verweerster]’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • het verzoekschrift (ontvangen op 2 augustus 2024), met bijlagen;
  • de e-mail van [verweerster] van 4 september 2024, met bijlagen;
  • de e-mail van [verzoeker] van 23 oktober 2024, met bijlagen;
  • het verweerschrift, met bijlagen.
1.2.
Op 25 februari 2025 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren aanwezig:
  • [verzoeker];
  • namens [verweerster] [persoon 1] met de gemachtigde;
  • [persoon 2], werkzaam bij Winter beheerder, [persoon 3], eigenaar, [persoon 4], eigenaar, [persoon 5], eigenaar en de [persoon 6], belangstellende.

2.Waar gaat de zaak over?

2.1.
[verzoeker] is eigenaar van het appartement aan het adres [adres] en [verzoeker] is daardoor lid van [verweerster]. [verzoeker] stelt dat [verweerster] op 4 juli 2024 het besluit heeft genomen om de subsidie Tijdelijke Tegemoetkoming Blokverwarming (TTB) te verdelen op basis van woonoppervlakte. [verzoeker] is het hier niet mee eens omdat het niet was geagendeerd en omdat de subsidie moet worden verdeeld op basis van verbruik. [verzoeker] vraagt daarom het besluit van [verweerster] te vernietigen (artikel 5:130 BW Pro en artikel 2:15 lid 1 BW Pro).
2.2.
[verweerster] voert verweer en stelt dat geen sprake is van een door [verweerster]-vergadering genomen besluit. Daarom kan het in deze procedure niet vernietigd worden. Er is sprake van een besluit door het bestuur van [verweerster] en [verzoeker] moet de kwestie eerst voorleggen aan de vergadering. Omdat geen sprake is van een besluit van [verweerster] hoefde het niet te worden geagendeerd. Daarnaast was de TTB wel één van de agendapunten. Van een besluit in strijd met de redelijkheid en billijkheid is geen sprake.

3.De beoordeling

3.1.
Het verzoek van [verzoeker] is niet toewijsbaar. Hierna wordt uitgelegd waarom.
Niet-ontvankelijkheid
3.2.
Het meest verstrekkende verweer van [verweerster] is dat [verzoeker] niet-ontvankelijk verklaard moet worden in zijn verzoek, omdat geen sprake is van een besluit van [verweerster]. Dit verweer slaagt. Uit de overgelegde notulen van de vergadering van 4 juli 2024 blijkt namelijk niet dat er een besluit is genomen door [verweerster]-vergadering. Alleen een besluit van de vergadering van [verweerster] kan door de kantonrechter worden vernietigd (artikel 5:124 BW Pro en artikel 2:14 BW Pro). [verzoeker], die zelf niet op de vergadering aanwezig was, heeft aangevoerd dat hij kort na de vergadering een brief d.d. 9 juli 2024 van [verweerster]-beheerder heeft ontvangen, waarin staat dat over dit onderwerp een besluit is genomen tijdens de vergadering. Het VvE-bestuur heeft erkend dat dit bericht niet juist was. Daarnaast zijn na afloop van de vergadering de notulen niet op tijd verstrekt, waardoor [verzoeker] niet tijdig wist dat er geen besluit door de vergadering was genomen. Ook dat is door het VvE-bestuur erkend. Maar wat daar verder ook van zij, dat maakt nog niet dat [verweerster]-vergadering een besluit heeft genomen dat bij de kantonrechter kan worden aangevochten. Als [verzoeker] wil opkomen tegen het door het bestuur genomen besluit inzake de verdeling van de TTB, dan kan hij dat als agendapunt inbrengen op de volgende vergadering van [verweerster].
Ten overvloede: uitleg TTB
3.3.
Ook als [verzoeker] ontvankelijk was verklaard in zijn verzoek, dan is het verzoek niet toewijsbaar. Hierna wordt uitgelegd waarom.
3.4.
De TTB is een subsidie voor huishoudens met een blokaansluiting om hen te helpen met de hoge energiekosten. Tussen 1 april 2023 en 31 oktober 2023 konden contracthouders (in dit geval [verweerster]) de TTB aanvragen. [verweerster] heeft de subsidie in oktober 2023 aangevraagd. De aanvraag is door [verweerster] dus op tijd gedaan. [verzoeker] heeft aangevoerd dat dit eerder had gekund, maar door de aanvraag in oktober 2023 te doen heeft [verweerster] in voldoende mate voldaan aan haar verplichtingen.
3.5.
[verzoeker] is het niet eens met de wijze waarop de TTB is verdeeld. In artikel 5.1 lid 1 van de TTB is bepaald dat de subsidie moet worden verdeeld op basis van verbruik. In artikel 5.1 lid 5 en 6 van de TTB is bepaald dat – in het geval het stookjaar niet samenloopt met het kalenderjaar of naast wooneenheden ook bedrijfseenheden zijn aangesloten op de blokverwarming – in afwijking van lid 1 de subsidie ook verdeeld kan worden op basis van vloeroppervlak, en als de vloeroppervlaktes moeilijk zijn vast te stellen, op basis van een gelijke verdeling. Bovenal heeft de TTB als doel gehad een snelle compensatie van de hoge energiekosten te bewerkstelligen, zodat de eindgebruikers zo min mogelijk door de toenmalige hoge energiekosten in de problemen zouden komen.
3.6.
Binnen [verweerster] is zowel sprake van een stookjaar dat niet samenloopt met het kalenderjaar als de aanwezigheid van enkele bedrijfseenheden. Op basis daarvan was [verweerster] gerechtigd om de TTB op de in lid 5 en 6 beschreven alternatieve wijze te verdelen. Het VvE-bestuur heeft de TTB verdeeld over twee afrekenperiodes. De eerste periode is op basis van gelijke delen verdeeld over de wooneenheden en de tweede periode wordt verdeeld op basis van verbruik. Naar het oordeel van de kantonrechter biedt de regeling de ruimte om de verdeling op die manier te doen. [verweerster] heeft uitgelegd dat ook voor de eerste periode een verdeling op basis van verbruik technisch mogelijk was, maar dat dit had geleid tot extra kosten en een substantiële vertraging in het afrekenproces, omdat de al verstrekte jaaropgaven van de stookkosten allemaal herzien hadden moeten worden. Omdat de TTB juist als doel had een snelle compensatie van de hoge energiekosten te bewerkstelligen, heeft zij daarom in de eerste periode de subsidie verdeeld op basis van gelijke delen. Ook hierom is niet gebleken van een verkeerde uitleg van (de doelstellingen van) de regeling.
Proceskosten
3.7.
[verzoeker] is door de brief van 9 juli 2024 en door het te laat verstrekken van de notulen van de vergadering op het verkeerde been gezet. Hoewel zijn verzoek niet-ontvankelijk wordt verklaard en hij om die reden in beginsel als de in het ongelijk gestelde partij wordt aangemerkt, ziet de kantonrechter daarom aanleiding om de proceskosten te compenseren, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

4.De beslissing

De kantonrechter:
4.1.
verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk is zijn verzoek;
4.2.
compenseert de kosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Deze beschikking is gegeven door mr. S.H. Poiesz en in het openbaar uitgesproken.
932