ECLI:NL:RBROT:2025:4861
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bezwaar tegen brief UWV inzake inzage persoonsgegevens geen besluit
Eiser heeft het UWV verzocht om inzage in zijn persoonsgegevens met betrekking tot sociale zekerheidsuitkeringen. Na een bezoek aan het UWV-kantoor in november 2023, waarbij niet alle stukken werden overhandigd, stuurde het UWV op 17 juli 2024 een brief waarin werd meegedeeld dat fysieke dossiers niet meer beschikbaar zijn vanwege bewaartermijnen en dat het inzageverzoek als afgehandeld wordt beschouwd.
Eiser maakte bezwaar tegen deze brief, maar het UWV verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief geen besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Eiser stelde beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de brief van 17 juli 2024 slechts feitelijke mededelingen bevat en geen publiekrechtelijke rechtshandeling is, zodat er geen bezwaar of beroep mogelijk is. De brief van 9 november 2023 wordt gezien als een inwilligend besluit op het inzageverzoek. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Eiser krijgt het griffierecht niet terug en er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de brief van het UWV geen besluit is.