De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming West verzoekt de verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige geboren in 2010, vanwege ernstige zorgen over zijn schoolverzuim en opvoedingssituatie. De moeder oefent het ouderlijk gezag uit, maar blijkt onvoldoende in staat om grip te krijgen op het gedrag van haar zoon en de adviezen van hulpverleners onvoldoende op te volgen.
Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, heeft de moeder zich niet tegen het verzoek verzet. Zij erkent dat haar zoon stress ervaart door toetsen en dat hij soms ziek is, maar stelt dat het beter gaat. De moeder is bereid mee te werken aan een persoonlijkheidsonderzoek om passende hulpverlening te kunnen bieden.
De kinderrechter oordeelt dat de wettelijke criteria voor verlenging van de ondertoezichtstelling zijn vervuld. Er blijft een ernstige bedreiging voor de ontwikkeling van de minderjarige bestaan, mede door het hoge schoolverzuim en het zelfbepalende gedrag. De betrokkenheid van de jeugdbeschermer wordt als noodzakelijk geacht om de zelfredzaamheid van de minderjarige te bevorderen.
De beschikking verlengt de ondertoezichtstelling tot 30 januari 2026 en verklaart deze uitvoerbaar bij voorraad. De moeder wordt aangespoord de Nederlandse taal te leren om beter te kunnen functioneren in de maatschappij en de zorg voor haar zoon zelfstandig te kunnen dragen.