De huurder [persoon A] huurt sinds 2015 een woning van Stichting Havensteder en heeft een huurachterstand opgebouwd van meer dan zes maanden. Zij heeft de huur opgeschort vanwege gebreken in de woning, waaronder lekkages en schimmel, die volgens haar medische problemen bij haar zoon hebben veroorzaakt.
Havensteder erkent dat er gebreken zijn, maar stelt dat de huurder de noodzakelijke werkzaamheden aan keuken en badkamer belemmert doordat zij weigert medewerking te verlenen zonder dat een nooddouche wordt geplaatst. De kantonrechter oordeelt dat de huurder geen geldige reden heeft om de huur op te schorten en veroordeelt haar tot betaling van € 4.837,29 inclusief rente en incassokosten.
De kantonrechter geeft de huurder een laatste kans om binnen een maand het volledige bedrag te betalen om ontbinding van de huurovereenkomst te voorkomen. Bij uitblijven van betaling wordt de huurovereenkomst ontbonden en moet de huurder binnen twee maanden de woning ontruimen. De proceskosten worden aan de huurder opgelegd en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.