Eiseres en gedaagde zijn ouders van een minderjarige zoon en zijn gebonden aan een zorgregeling die door de rechtbank is opgelegd. Eiseres werd veroordeeld tot nakoming van deze zorgregeling onder dreiging van dwangsommen. Partijen verschillen over het bedrag aan dwangsommen dat eiseres heeft verbeurd en betaald. De voorzieningenrechter stelt vast dat eiseres reeds €2.250 aan dwangsommen heeft betaald, maar nog €750 verschuldigd is aan gedaagde.
De procedure omvatte schriftelijke stukken, een mondelinge behandeling en pleitnotities. De zorgregeling is door het Gerechtshof deels vernietigd, met name voor vakanties, waardoor eiseres voor die periodes geen dwangsommen verschuldigd is. Voor reguliere zorgperiodes en bepaalde feestdagen blijft de dwangsomveroordeling van kracht.
De voorzieningenrechter oordeelt dat eiseres niet gehouden is tot betaling van dwangsommen voor vakanties, maar wel voor niet-nakoming op specifieke feestdagen en andere dagen. Gedaagde mag beslag leggen tot het bedrag van €750, maar niet meer. Om excessief beslag te voorkomen, wordt aan gedaagde een dwangsom opgelegd bij overtreding van dit bevel. Proceskosten worden gecompenseerd, ieder draagt eigen kosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.