Verzoeker heeft bij de rechtbank Rotterdam een voorlopige voorziening gevraagd tegen de verlening van een omgevingsvergunning aan het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) voor het voorbelasten van gronden ten behoeve van tijdelijke huisvesting van asielzoekers op een locatie in Sliedrecht.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek behandeld op 2 mei 2025. Verzoeker stelde dat de werkzaamheden kunnen leiden tot verdere verontreiniging van zijn gronden met PFOA, wat schadelijke gevolgen zou hebben voor zijn woning en bedrijf. Hij vorderde daarom schorsing van het primaire besluit tot zes weken na de beslissing op bezwaar.
De rechtbank overweegt dat verzoeker geen belanghebbende is omdat hij op ongeveer een kilometer afstand woont en onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij gevolgen van enige betekenis zal ondervinden. Het rapport van VanderHelm Milieubeheer B.V. bevestigt dat de mogelijke PFOA-verontreiniging gering is en niet tot relevante nadelige effecten leidt. Ook is niet aannemelijk dat het verontreinigde water de percelen van verzoeker bereikt.
Daarom is geen sprake van een spoedeisend belang en wordt het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.