ECLI:NL:RBROT:2025:5883
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening maatschappelijke opvang wegens uitsluitend huisvestingsprobleem
Verzoeker, woonachtig in Nederland sinds 1996 en met de Nederlandse nationaliteit, vroeg samen met zijn vrouw en minderjarige kinderen toegang tot maatschappelijke opvang. Zijn vrouw en kinderen verblijven sinds maart 2025 tijdelijk in Nederland, terwijl verzoeker zelf bij zijn zus verblijft. Het college wees de aanvraag af omdat verzoeker niet voldeed aan de voorwaarden voor maatschappelijke opvang, aangezien hij in staat wordt geacht zichzelf met gebruikelijke voorzieningen en netwerk te handhaven.
De voorzieningenrechter stelde vast dat er wel sprake was van een spoedeisend belang vanwege het ontbreken van een vaste verblijfplaats en de gevolgen daarvan, zoals het niet kunnen inschrijven en verzekeren van het gezin en het niet kunnen bezoeken van school door het oudste kind. Echter, uit het gesprek met verzoeker bleek dat het probleem primair een huisvestingsprobleem is en dat verzoeker met hulp van instanties en familie in staat is zichzelf te handhaven.
Verder oordeelde de rechter dat verzoeker onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat het noodzakelijk was dat zijn vrouw en kinderen Turkije verlieten. Ook werd het beroep op het kinderrechtenverdrag afgewezen omdat de kinderen onderdak hebben en er geen aanwijzingen zijn voor onveilige situaties. De maatschappelijke opvang is bedoeld voor niet-zelfredzamen die hulp nodig hebben bij het organiseren van hun dagelijks leven, wat hier niet het geval is.
De rechtbank concludeerde dat de problemen van verzoeker vooral samenhangen met de schaarste op de woningmarkt, waarvoor de Wmo geen oplossing biedt. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en is het college niet verplicht tot opvang. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tot maatschappelijke opvang wordt afgewezen omdat verzoeker alleen een huisvestingsprobleem heeft en niet voldoet aan de opvangcriteria.