Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 17 maart 2025, met bijlagen;
- de brief van Hodlstudio, met bijlagen;
- de brief van eisers met één aanvullende bijlage.
Rechtbank Rotterdam
Eisers verrichtten vanaf 1 juni 2023 werkzaamheden voor Hodlstudio op basis van contracten die formeel als overeenkomsten van opdracht waren aangeduid. Hodlstudio beëindigde haar activiteiten per 1 december 2024 en stopte met betalingen, terwijl eisers van mening waren dat sprake was van arbeidsovereenkomsten en aanspraak maakten op loonbetaling.
De rechtbank beoordeelde in kort geding de kwalificatie van de overeenkomsten aan de hand van het Deliveroo-arrest en concludeerde dat de overeenkomsten, ondanks hun benaming, feitelijk arbeidsovereenkomsten waren. Dit was gebaseerd op de aard en duur van de werkzaamheden, de wijze van werktijdenbepaling, de inbedding in de organisatie, het persoonlijk uitvoeren van het werk, en de wijze van beloning en controle.
Hodlstudio had de arbeidsovereenkomsten niet rechtsgeldig beëindigd en was daarom gehouden tot doorbetaling van het loon over de achterstallige maanden en tot het moment van een rechtsgeldige beëindiging. Tevens werd de wettelijke verhoging en rente toegewezen, evenals de verplichting tot het verstrekken van loonspecificaties en de proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Hodlstudio is gehouden tot doorbetaling van achterstallig loon, wettelijke verhoging en rente, en verstrekking van loonspecificaties.