De werknemer was sinds 2007 in dienst bij de werkgever als Senior Operator en werd vanaf oktober 2019 deels ziek gemeld, waarna hij in april 2020 volledig uitviel. De werkgever startte re-integratie-inspanningen, maar het UWV stelde meerdere keren vast dat deze onvoldoende waren, wat leidde tot loonsancties. Diverse medische onderzoeken gaven tegenstrijdige oordelen over de belastbaarheid van de werknemer. Uiteindelijk oordeelde het UWV dat de werknemer zijn eigen werk in aangepaste vorm kon hervatten.
De werknemer verzocht de werkgever om hem toe te laten tot zijn werkzaamheden onder doorbetaling van loon, maar de werkgever weigerde dit en vroeg om ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. De ontbindingsprocedure liep parallel en is inmiddels door de rechtbank toegewezen met ontbinding per 1 augustus 2025.
In de onderhavige procedure verzoekt de werknemer wedertewerkstelling en loonbetaling, maar de kantonrechter wijst deze verzoeken af omdat dezelfde verzoeken reeds in de ontbindingsprocedure zijn behandeld. Partijen worden veroordeeld tot het dragen van hun eigen proceskosten.