ECLI:NL:RBROT:2025:7538
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot beëindiging ISD-maatregel wegens voortzetting noodzaak
De rechtbank Rotterdam heeft op 16 juni 2025 uitspraak gedaan in de zaak betreffende de tussentijdse beoordeling van de voortzetting van de ISD-maatregel opgelegd aan de veroordeelde bij vonnis van 6 maart 2024. De veroordeelde verzocht om beëindiging van de maatregel, stellende dat zijn situatie verbeterd is en dat voortzetting niet langer noodzakelijk zou zijn.
Tijdens de openbare terechtzitting op 2 juni 2025 werden de officier van justitie, de veroordeelde, zijn raadsvrouw en een deskundige gehoord. De officier van justitie pleitte voor voortzetting van de maatregel, terwijl de verdediging beëindiging bepleitte op basis van verbeterde omstandigheden zoals extramuraal verblijf, herstel van familiebanden en werk.
De rechtbank oordeelde dat ondanks de positieve ontwikkelingen de noodzaak tot voortzetting van de ISD-maatregel blijft bestaan. Dit vanwege de complexe psychische en verslavingsproblematiek van de veroordeelde, de lange voorgeschiedenis van detenties en klinische opnames, en het risico dat voortijdige beëindiging kan leiden tot onveiligheid en overlast. De rechtbank benadrukte het belang van een geleidelijke re-integratie en het behouden van een vangnet.
Het verzoek tot beëindiging van de ISD-maatregel wordt daarom afgewezen en de tenuitvoerlegging van de maatregel wordt voortgezet. De rechtbank sprak de hoop uit dat de veroordeelde de ingeslagen positieve weg blijft volgen en productief gebruik maakt van de maatregel.
Uitkomst: Verzoek tot beëindiging ISD-maatregel afgewezen; voortzetting van de maatregel.