ECLI:NL:RBROT:2025:7686
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Aanvulling vonnis over afwijzing dwangsom bij omgevingsverbod
In deze zaak heeft Stichting BOOR verzocht om aanvulling van het vonnis van 5 juni 2025, omdat de rechtbank niet had beslist over de door haar gevorderde dwangsom bij een omgevingsverbod voor eiser. Het omgevingsverbod was toegewezen tot 1 januari 2026, maar de dwangsom was niet expliciet toe- of afgewezen.
De voorzieningenrechter stelt vast dat er sprake is van een verzuim als bedoeld in artikel 32 Rv Pro omdat de dwangsom niet is beoordeeld. Stichting BOOR verzoekt alsnog toewijzing van de dwangsom. Eiser stelt dat het zwijgen in het dictum betekent dat de dwangsom impliciet is afgewezen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat uit het ontbreken van een beslissing over de dwangsom niet kan worden afgeleid dat deze is afgewezen. Omdat niet is gesteld of gebleken dat eiser het omgevingsverbod heeft overtreden, ziet de rechter geen aanleiding om alsnog een dwangsom te verbinden.
Daarom wordt het verzoek tot aanvulling toegewezen en wordt expliciet beslist dat de gevorderde dwangsom wordt afgewezen.
Uitkomst: De gevorderde dwangsom bij het omgevingsverbod wordt afgewezen en het vonnis van 5 juni 2025 wordt aangevuld met deze expliciete beslissing.