Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
10/153725-25 (gevoegd t.t.z.)
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van het in de zaak met parketnummer 10/374599-24 onder 1 ten laste gelegde;
- bewezenverklaring van het in de zaak met parketnummers 10/108725-24, 10/199248-24, 10/038126-25, 10/374599-24 onder 2 en 10/153725-25 primair ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van 360 dagen met aftrek van voorarrest, waarvan 164 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar, met de door de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) geadviseerde bijzondere voorwaarden, met uitzondering van een contactverbod met de medeverdachten in de zaak met parketnummer 10/374599-24;
- met opdracht aan de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering (hierna: de jeugdreclassering) tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.
4.Waardering van het bewijs
dezezich wederrechtelijk toe te eigenen,
envergezeld van
en
[slachtoffer 3]en voornoemde [slachtoffer 4] ,
,voornoemde
[slachtoffer 3]en voornoemde [slachtoffer 4] dreigend de woorden toe te voegen: "Ga naar achter, ga naar achter" en/of "Het is
[slachtoffer 3]en voornoemde [slachtoffer 4] te dwingen om op de grond te liggen en op hun knieën te gaan zitten,
twee, kogelpatronen,
een geldbedrag van 1.000 euro, dat aan
[slachtoffer 5] , toebehoorde heeft weggenomen met
het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte dat weg te nemen
geldbedrag onder zijn bereik heeft gebracht door middel van
eenvalse sleutel, te weten
bankpassen tot welk gebruik hij, verdachte niet was gerechtigd;
een wapen als bedoeld in art. 2 lid 1 categorie Pro III onder 1º van de Wet wapens en
munitie,
te weten een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3º van die wet
in de vorm van een pistool
van het merk/type Tokarev TT33C, kaliber 9 mm en
bijbehorende munitie in de zin van art. 1 onder Pro 4º van de Wet wapens en munitie,
te weten munitie als bedoeld in art. 2 lid 2 van Pro de Wet wapens munitie, van de
categorie III
te weten kogelpatronen kaliber 7.62 x 25 mm,
voorhanden heeft gehad.
5.Strafbaarheid feiten
Diefstal, voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen personen,
Medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en
munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III
Medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en
munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III;
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Vorderingen benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregelen
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
voor de duur van 300 (driehonderd) dagen;
groot 104 (honderdvier) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
- de veroordeelde zal medewerking verlenen aan jeugdreclasseringstoezicht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen en het zich melden bij de jeugdreclassering zo vaak en zolang als de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht;
[slachtoffer 1], te betalen een bedrag
van € 2.300,- (zegge: tweeduizend driehonderd euro), bestaande uit € 300,- aan materiële schade en € 2.000,- aan immateriële schade;
[slachtoffer 5], te betalen een bedrag van
€ 1.000,- (zegge: duizend euro), bestaande uit € 1.000,- aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 19 november 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [slachtoffer 1] te betalen
€ 2.300,- (hoofdsom,
zegge: tweeduizend driehonderd euro), en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [slachtoffer 5] te betalen
€ 1.000,- (hoofdsom,
zegge: duizend euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 november 2024 tot aan de dag van de algehele voldoening, en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen;