Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[eiser 1] ,
[eiser 2],
[eiser 3],
Rechtbank Rotterdam
Deze civiele zaak betreft de nalatenschap van de heer erflater, overleden in 2022. Eisers vorderen onder meer vergoeding of teruggave van inboedelgoederen die gedaagde, als executeur, ten onrechte zou hebben gehouden. In een tussenvonnis werd reeds vastgesteld dat gedaagde geen erfgenaam, executeur of bewindvoerder is en dat zij onrechtmatig heeft gehandeld met betrekking tot de inboedel.
Eisers stelden de waarde van de inboedel op €11.300,-, maar gedaagde betwistte dit en stelde een lagere waarde. De rechtbank gaf eisers de gelegenheid om hun waardering nader te onderbouwen. Hoewel de waardering van specifieke goederen zoals de Picasso zeefdruk en de witgouden ring voldoende werd onderbouwd, ontbrak onderbouwing voor de overige goederen. De rechtbank schatte de waarde van deze overige goederen op €1.000,-.
De rechtbank veroordeelde gedaagde tot afgifte van de Picasso zeefdruk binnen vier weken, met een dwangsom van €2.000,- bij niet-naleving, en tot betaling van €1.500,- voor de overige inboedelgoederen. Tevens werd gedaagde veroordeeld tot betaling van €13.500,- plus rente uit de nalatenschap en tot het afleggen van rekening en verantwoording over haar beleid als executeur. De proceskosten werden ieder voor eigen rekening gelaten en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot afgifte van de Picasso zeefdruk en betaling van €15.000 plus rente aan eisers.