ECLI:NL:RBROT:2025:9077

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
6 juni 2025
Publicatiedatum
23 juli 2025
Zaaknummer
10738695 CV EXPL 23-27227
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 556 RvArt. 237 RvArt. 233 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding huurovereenkomst wegens structurele vervuiling en onvoldoende tuinonderhoud

In deze zaak stond centraal of de huurovereenkomst tussen eiseres en gedaagde ontbonden kon worden vanwege tekortschietend gedrag van gedaagde als huurder. Eiseres stelde dat gedaagde zich niet als goed huurder gedroeg door de woning structureel te vervuilen en de tuin onvoldoende te onderhouden. Gedaagde betwistte dit.

De kantonrechter oordeelde dat eiseres voldoende bewijs had geleverd, onder meer met beeldmateriaal, dat er sprake was van ernstige tekortkomingen die ontbinding rechtvaardigen. Ondanks herhaalde aansporingen en aangeboden hulpverlening bleef gedaagde terugvallen in het oude patroon en liet zij geen onderhoud door eiseres toe. Het aanbod van alternatieve woonruimte werd door gedaagde niet geaccepteerd.

De huurovereenkomst werd dan ook ontbonden en gedaagde werd veroordeeld de woning te ontruimen. Vanwege persoonlijke omstandigheden werd de ontruimingstermijn verlengd tot twee maanden, zodat gedaagde voldoende tijd heeft om passende woonruimte te vinden. De kantonrechter wees een machtiging tot zelfontruiming af, aangezien alleen een deurwaarder mag ontruimen. De proceskosten werden aan gedaagde opgelegd en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en gedaagde moet de woning binnen twee maanden ontruimen.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 10738695 CV EXPL 23-27227
datum uitspraak: 6 juni 2025
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
[eiseres] ,
vestigingsplaats: [plaats 1] ,
eiseres,
gemachtigde: mr. M.W. Kox,
tegen
[gedaagde] ,
woonplaats: [plaats 2] ( [plaats 1] ),
gedaagde,
gemachtigde: mr. J. Pearson.
De partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • het tussenvonnis van 11 oktober 2024 en de daarin genoemde stukken;
  • de brieven van de gemachtigde van [eiseres] van 24 januari 2025, 22 april 2025 en 1 mei 2025 met nadere producties;
  • de e-mail van de gemachtigde van [gedaagde] van 27 januari 2025, met een nadere productie.
1.2.
Op 7 mei 2025 is de zaak nogmaals tijdens een zitting besproken. Daarbij waren aanwezig:
  • van de zijde van [eiseres] : mevrouw [persoon A] en de heer [persoon B] , consulenten sociaal beheer bij [eiseres] , bijgestaan door mr. N. Vermeulen namens de gemachtigde. Verder was mr. [persoon C] als toehoorder;
  • de gemachtigde van [gedaagde] .

2.De verdere beoordeling

2.1.
Het gaat in deze zaak om de vraag of [gedaagde] zodanig tekortgeschoten is in de nakoming van de huurovereenkomst dat deze overeenkomst moet worden ontbonden en [gedaagde] de woning aan [adres] in [plaats 2] moet verlaten. Volgens [eiseres] gedraagt [gedaagde] zich niet als goed huurder en houdt zij zich niet aan de algemene huurvoorwaarden, omdat de woning vervuild is en de tuin structureel onvoldoende wordt onderhouden. [gedaagde] is het daar niet mee eens.
2.2.
[gedaagde] moet van de kantonrechter inderdaad de woning verlaten, maar krijgt daarvoor wel langer de tijd. Hierna wordt deze beslissing uitgelegd.
De huurovereenkomst wordt ontbonden
2.3.
De huurovereenkomst wordt ontbonden, omdat [gedaagde] zich niet als goed huurder heeft gedragen. [eiseres] heeft, onder meer met beeldmateriaal, voldoende onderbouwd dat sprake is van structurele vervuiling van de woning en onvoldoende onderhoud van de tuin. Deze tekortkomingen zijn, gelet op alle omstandigheden, ernstig genoeg om de huurovereenkomst te ontbinden. Hoewel het begrijpelijk is dat [gedaagde] in de woning wil blijven, kan niet van [eiseres] worden verwacht dat zij de huurovereenkomst nog langer voortzet. Vast staat dat [eiseres] [gedaagde] regelmatig en gedurende lange tijd heeft aangespoord om de woning op te ruimen en om de tuin netjes te houden, maar dat [gedaagde] steeds terugvalt in haar oude patroon. Ook laat [gedaagde] niet toe dat de woning wordt onderhouden door [eiseres] . [eiseres] heeft haar best gedaan om tot een oplossing te komen, maar [gedaagde] is niet akkoord gegaan met de aangeboden alternatieve woonruimte en de aangeboden hulpverlening heeft op de lange termijn niet tot het gewenste resultaat geleid.
[gedaagde] moet de woning ontruimen
2.4.
Omdat de huurovereenkomst is ontbonden, moet [gedaagde] de woning met al haar spullen verlaten. Normaal gesproken moet dat binnen veertien dagen na de datum van het ontruimingsvonnis, maar in dit geval wordt de ontruimingstermijn vanwege de persoonlijke omstandigheden van [gedaagde] verlengd tot twee maanden. Zodoende heeft zij meer tijd om, al dan niet met hulp van [eiseres] en/of hulpverlening, vervangende woonruimte te zoeken en zich voor te bereiden op haar vertrek uit de woning.
2.5.
De kantonrechter machtigt [eiseres] niet om de woning zelf te ontruimen. Alleen de deurwaarder mag namelijk gedwongen ontruimen. Daar is geen machtiging voor nodig (artikel 556 Rv Pro). De kosten van de ontruiming komen ingevolge het Besluit tarieven ambtshandelingen gerechtsdeurwaarders voor rekening van [gedaagde] . Daar is geen aparte veroordeling voor nodig. Dit deel van de eis wordt daarom eveneens afgewezen.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen
2.6.
De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat zij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan [eiseres] moet betalen op € 129,86 aan dagvaardingskosten, € 128,- aan griffierecht, € 612,- aan salaris voor de gemachtigde (3 punten x € 204,-) en € 102,- aan nakosten. Dat is in totaal € 971,86. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
2.7.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat [eiseres] dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv Pro). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
ontbindt de huurovereenkomst tussen de partijen en veroordeelt [gedaagde] om binnen twee maanden na de datum van dit vonnis de woning aan [adres] in [plaats 2] te ontruimen met alle personen en zaken die zich daar vanwege [gedaagde] bevinden en het gehuurde met alle sleutels ter beschikking van [eiseres] te stellen;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van [eiseres] worden begroot op € 971,86;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.
43416