Tussen L&S West B.V. als verhuurder en huurder bestond een huurovereenkomst voor woonruimte in Rotterdam. Huurder wilde eerder vertrekken dan de overeengekomen einddatum en leverde de sleutels op 4 juni 2024 in. Verhuurder vordert vergoeding van herstelkosten, huurderving en buitengerechtelijke kosten wegens gebreken bij oplevering.
De rechtbank stelt vast dat de woonruimte niet in dezelfde staat is opgeleverd als bij aanvang. Er is sprake van schimmelvorming, vuil, een ongeoorloofde tussendeur en schade aan muren. Huurder mag tegenbewijs leveren dat de schimmel niet aan hem toerekenbaar is en dat hij onverwijld melding heeft gemaakt van het gebrek. De gaskookplaat behoorde tot het gehuurde en de schade daaraan komt voor rekening van verhuurder.
De rechtbank wijst de vordering tot betaling van buitengerechtelijke kosten af omdat de aanmaningsbrief niet aan wettelijke eisen voldeed. De huurderving wordt beperkt tot één maand, omdat de werkzaamheden ook binnen die termijn hadden kunnen worden uitgevoerd. De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor bewijslevering en specificatie van de vordering door verhuurder.