Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- mevrouw [persoon A] , werkzaam bij Geldplein (hierna: schuldhulpverlening).
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een dwangakkoord aangevraagd op grond van artikel 287a Faillissementswet nadat één schuldeiser, Stichting Kinderopvang het Steigertje, niet wilde instemmen met een schuldregeling. Deze regeling betrof een nulaanbod zonder afloscapaciteit, gebaseerd op de NVVK-norm en de huidige Participatiewet-uitkering van verzoekster.
Verzoekster lijdt aan een depressie en angststoornissen, is onder medische behandeling en ontheven van sollicitatieplicht tot medio 2025. Schuldhulpverlening acht de inkomenspositie op korte termijn onveranderd. Dertien van de veertien schuldeisers stemden in met het voorstel, alleen Kinderopvang het Steigertje niet.
De rechtbank oordeelt dat het belang van verzoekster en de meerderheid van schuldeisers zwaarder weegt dan dat van de weigeraar, mede omdat het voorstel deskundig is getoetst en goed onderbouwd. Het verzoek tot dwangakkoord wordt toegewezen, het subsidiaire verzoek tot schuldsaneringsregeling afgewezen en Kinderopvang het Steigertje wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Verzoek tot dwangakkoord wordt toegewezen en schuldeiser wordt veroordeeld in de kosten.