Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1..[gedaagde 1] ,
2. [gedaagde 2] .,
1.De zaak in het kort
primairdat [gedaagde 1] c.s. worden bevolen om de koopbevestiging te tekenen en daar uitvoering aan te geven, en
subsidiairdat [gedaagde 1] c.s. worden bevolen om de onderhandelingen voort te zetten, alles onder druk van een dwangsom. [gedaagde 1] c.s. voeren verweer dat strekt tot afwijzing van de vorderingen van Reek & WJ. De voorzieningenrechter wijst alle vorderingen af. Dit oordeel wordt hierna uitgelegd.
2.De procedure
- de dagvaardingen van 13 januari 2026, met bijlagen 1 tot en met 23;
- de aanvullende bijlage 24 van Reek & WJ;
- de conclusie van antwoord, met bijlagen 1 tot en met 5;
- de mondelinge behandeling op 23 januari 2026;
- de pleitnotities van mr. Lok.
3.Enkele feiten
Naar aanleiding van de door Reek & WJ Vastgoedontwikkelingen I B.V. opgestelde koopbevestiging alsmede naar aanleiding van de daarna gevoerde telefoongesprekken geven wij u hierbij, namens verkoper de heer [gedaagde 1] en [gedaagde 2] ., de volgende reactie.
ter ondertekening” aan [gedaagde 1] c.s. toegestuurd (bijlage 15 van Reek & WJ).
4.De vorderingen
5.De beoordeling
intentieovereenkomst […] leggen we de basis vast, spreken we exclusiviteit af en kunnen partijen de volgende fase in.”. Dit noopte tot extra prudentie in het interpreteren van de opmerkingen van [gedaagde 1] c.s. over de start van het slooptraject. Die prudentie heeft Reek & WJ niet in acht genomen.
189,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
6.De beslissing
3349 / 1980