ECLI:NL:RBROT:2026:1370
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs invoer en voorbereiding cocaïne
De rechtbank Rotterdam heeft op 26 januari 2026 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het samen met anderen invoeren van circa 160 en/of 219 kilogram cocaïne in Nederland en het voorbereiden en bevorderen van een dergelijk feit. De tenlastelegging betrof onder meer het vervoeren en uitladen van containers met cocaïne, het verwijderen van pakketten uit boomstammen en het gebruik van organisatie-telefoons.
Tijdens de zittingen op 23 en 26 januari 2026 is gebleken dat het bewijs onvoldoende was om vast te stellen dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan deze feiten. Zowel de officier van justitie als de verdediging hebben vrijspraak bepleit. De rechtbank heeft de beschuldiging niet bewezen geacht en verdachte vrijgesproken.
Daarnaast heeft de rechtbank besloten tot teruggave van een in beslag genomen Apple iPhone en een geldbedrag van € 730,- aan de verdachte. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer strafzaken onder voorzitterschap van mr. D.C.J. Peeck, met mr. J. de Lange en mr. E.M. Rocha als rechters.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid bij invoer en voorbereiding van cocaïne.