Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 19 mei 2025, met bijlagen 1 tot en met 10;
- het antwoord, met bijlagen 1 tot en met 19;
- de akte van [eiser] , met bijlagen 11 tot en met 13;
- de akte van de VvE;
- de akte van [eiser] .
Rechtbank Rotterdam
Eiser, eigenaar van een appartement op de begane grond, klaagde over wateroverlast en schimmel. De VvE gaf opdracht aan aannemers en een lekdetectiebedrijf om herstelwerkzaamheden uit te voeren. Eiser weigerde echter de aannemer toegang tot zijn woning te verlenen, waardoor de werkzaamheden niet konden worden uitgevoerd.
Eiser vorderde vervangende schadevergoeding van €14.591,28 van de VvE, stellende dat de VvE in verzuim was. De VvE betwistte aansprakelijkheid voor een deel van de schade, omdat die deels door bovenburen zou zijn veroorzaakt. De kantonrechter oordeelde dat eiser in schuldeisersverzuim verkeert door de aannemer geen toegang te verlenen en dat onvoldoende is aangetoond dat de VvE aansprakelijk is voor de schade in de keuken.
Daarnaast stelde eiser dat de beheerder van de VvE geen machtiging had om namens de VvE te procederen, maar de rechtbank verwierp dit standpunt. De eis werd afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vordering tot vervangende schadevergoeding wordt afgewezen wegens schuldeisersverzuim en onvoldoende aansprakelijkheid van de VvE.