Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- het verzoekschrift, met producties 1 t/m 10,
- het verweerschrift, met producties 1 t/m 4,
- de mondelinge behandeling van 13 maart 2025, waarbij namens [verzoeker] spreekaantekeningen zijn voorgedragen.
1.De situatie met ongeval
2.De situatie zonder ongeval
Bestonden voor het ongeval bij de onderzochte reeds klachten en afwijking op uw vakgebied die de onderzochte thans nog heeft?
(…)
Voor zover mij bekend bestonden bij betrokkene voor het ongeval geen klachten of afwijkingen op mijn vakgebied die betrokkene thans nog heeft.
N.v.t.
Zijn er op uw vakgebied klachten en afwijkingen die er ook zouden zijn geweest of op enig moment ook hadden kunnen ontstaan, als het ongeval de onderzochte niet was overkomen?
Er zijn daarnaast op mijn vakgebied geen klachten of afwijkingen die er ook zouden zijn geweest of op enig moment ook hadden kunnen ontstaan als betrokkene het ongeval niet was overkomen.
4.Het verzoek
5.De beoordeling
De zaak is geschikt voor een deelgeschil
niets geschreven over de uitpuiling van de tussenwervelschijf C3/4. Die is weliswaar niet symptomatisch maar is wel een uiting van een pre-existente polydiscopathie.’[Rb begrijpt dit als: slijtage van de tussenwervelschijven].
‘Op de leeftijd van betrokkene zijn dergelijke lichte degeneratieve afwijkingen zeer gebruikelijk en dergelijke lichte afwijkingen behoeven niet te leiden tot een verhoogd risico bij zwaar werk.’
enige discrepantie. Hij wijst daarbij op de beantwoording van vraag 2 van de medisch adviseur van ASR (r.o. 3.6, pagina 12 van het rapport van [naam 1]), waarbij [naam 1] aangeeft dat hij niet goed kan beoordelen of de HNP nog vochthoudend is, omdat op zijn scherm alle tussenwervelschijven weinig vocht bevatten, wat gezien de leeftijd van [verzoeker] niet ongebruikelijk is. [naam 4] zegt hierover dat “dit wel een constatering is”.