Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:2029

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
3 februari 2026
Publicatiedatum
2 maart 2026
Zaaknummer
C/10/713495 / HA RK 26-47
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:204 lid 1 onder a BWArt. 4:10 BWArt. 4:225 lid 1 BWArt. 4:206 lid 6 BWArt. 288 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming vereffenaar in nalatenschap wegens onbekende erfgenamen op verzoek hypotheekverstrekker

Op 19 januari 2026 diende ABN AMRO Bank een verzoek in bij de rechtbank Rotterdam om een vereffenaar te benoemen in de nalatenschap van een overledene. De overledene had geen testament en er waren geen bekende erfgenamen, waardoor de nalatenschap onbeheerd dreigde te blijven. De bank is schuldeiser vanwege twee hypothecaire geldleningen die opeisbaar zijn geworden door het overlijden.

De rechtbank oordeelde dat zij bevoegd was om op het verzoek te beslissen, aangezien de overledene zijn gewone verblijfplaats in Nederland had en het Nederlandse recht van toepassing is. De nalatenschap was niet onder voorrecht van boedelbeschrijving aanvaard en er was geen executeur benoemd. De bank had een duidelijk belang bij de benoeming van een vereffenaar om haar vordering veilig te stellen en een veiling van de woning te kunnen starten.

De rechtbank benoemde mr. I.P.M. Schreven tot vereffenaar, die tevens de opdracht kreeg de benoeming bekend te maken in de Staatscourant en de kantonrechter te informeren. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Hiermee is een belangrijke stap gezet om de nalatenschap te beheren en de belangen van schuldeisers en mogelijke erfgenamen te behartigen.

Uitkomst: De rechtbank benoemt een vereffenaar in de nalatenschap van een overledene zonder bekende erfgenamen op verzoek van de schuldeiser.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven
zaaknummer / rekestnummer: C/10/713495 / HA RK 26-47
Beschikking van 3 februari 2026
in de zaak van
ABN AMRO BANK N.V.,
vestigingsplaats: Amsterdam,
verzoekster,
advocaat mr. J. van der Wende te Rosmalen .
Belanghebbenden:
de gezamenlijke onbekende erfgenamen van de heer [naam overledene] .

1.Het procesverloop

1.1.
Op 19 januari 2026 is bij de rechtbank ingekomen het verzoekschrift van verzoekster om een vereffenaar te benoemen op grond van artikel 4:204 lid 1 onder Pro a BW, met producties.
1.2.
Omdat er geen belanghebbenden bekend zijn en verzoekster geen behoefte heeft aan een mondelinge behandeling, doet de rechtbank zonder mondelinge behandeling uitspraak.

2.De beoordeling

2.1.
Verzoeker vraagt om mr. I.P.M. Schreven tot vereffenaar te benoemen in de nalatenschap van de heer [naam overledene] (hierna: de overledene), dag en plaats van lijkvinding [datum] 2025 te [plaats] . De rechtbank wijst het verzoek toe. Hierna wordt toegelicht hoe tot dit oordeel is gekomen.
2.2.
De zaak heeft een internationaal karakter, omdat de overledene in [geboorteplaats] ( [land] ) is geboren. De Nederlandse rechter is bevoegd om op het verzoek te beslissen, omdat de overledene zijn gewone verblijfplaats had in Nederland (artikel 4 van Pro de verordening (EU) Nr. 650/2012 (de Europese Erfrechtverordening)). Volgens het Centraal Testamentenregister heeft de overledene niet bij testament over zijn nalatenschap beschikt, zodat geen rechtskeuze bekend is. Omdat de overledene zijn gewone verblijfplaats in Nederland had, is het Nederlandse recht van toepassing (artikel 21 lid 1 van Pro de Europese Erfrechtverordening).
2.3.
De rechtbank kan, als een nalatenschap niet onder voorrecht van boedelbeschrijving is aanvaard door een erfgenaam, op verzoek van een belanghebbende of het openbaar ministerie een vereffenaar benoemen, wanneer er geen erfgenamen zijn, wanneer het niet bekend is of er erfgenamen zijn, of wanneer de nalatenschap niet door een executeur wordt beheerd en de erfgenamen die bekend zijn haar geheel of ten dele onbeheerd laten (artikel 4:204 lid 1 onder Pro a BW).
2.4.
Volgens het boedelregister is de nalatenschap van de overledene niet onder voorrecht van boedelbeschrijving aanvaard. Ook aan de andere voorwaarden om een vereffenaar te benoemen is voldaan, want verzoekster is belanghebbende en het is niet bekend of er erfgenamen zijn. Dit wordt hierna toegelicht.
2.5.
Verzoekster is belanghebbende bij het verzoek, omdat zij schuldeiser is van de nalatenschap van de overledene. Verzoekster stelt namelijk dat zij twee hypothecaire geldleningen heeft verstrekt aan de overledene ten behoeve van de woning gelegen aan de [adres 1] te [woonplaats] (hierna: de woning). Deze geldleningen zijn opeisbaar geworden door het overlijden van de overledene. Volgens verzoekster bedraagt de schuld van de overledene aan haar per 8 januari 2026 € 60.085,82 en kan hierop nog een verpande polis bij Nationale Nederlanden van € 39.341,57 in mindering worden gebracht.
2.6.
Aan de andere voorwaarde om een vereffenaar te benoemen is ook voldaan, want het is niet bekend of er erfgenamen zijn. Wie erfgenaam is van de overledene volgt in beginsel uit een testament. De overledene heeft echter volgens het Centraal Testamentenregister geen testament opgemaakt in Nederland en volgens verzoekster volgt uit raadpleging van het openbare register in het [land] dat de overledene ook geen testament heeft opgemaakt in het [land] . Dit heeft tot gevolg dat op grond van de wet beoordeeld moet worden wie de erfgenamen van de overledene zijn (artikel 4:10 BW Pro). Volgens de Basisregistratie personen is de overledene niet gehuwd of geregistreerd als partner en heeft de overledene evenmin kinderen achtergelaten. Verdere gegevens over familieleden van de overledene zijn onbekend, zodat het op dit moment niet bekend is of de overledene erfgenamen heeft en daar nader onderzoek naar gedaan moet worden.
2.7.
Verzoekster heeft voorts voldoende toegelicht dat zij er een belang bij heeft als een vereffenaar wordt benoemd, omdat het gevaar bestaat dat haar opeisbare schuld niet volledig wordt voldaan. Een vereffenaar heeft tot taak om voor zover mogelijk de schulden van een nalatenschap te voldoen. Verzoekster kan voorts als een vereffenaar is benoemd een veilingtraject starten met betrekking tot de woning, omdat betekening aan een vereffenaar moet plaatsvinden. Een vereffenaar heeft verder ook als taak om een erfgenamenonderzoek te verrichten naar de nog onbekende erfgenamen van de overledene (artikel 4:225 lid 1 BW Pro), zodat er voldoende belang is om een vereffenaar te benoemen.
2.8.
Het verzoek wordt gelet op het voorgaande toegewezen. De rechtbank benoemt de door verzoekster voorgestelde vereffenaar, mr. I.P.M. Schreven , tot vereffenaar, die zich daartoe ook bereid heeft verklaard. De vereffenaar moet de benoeming zelf bekend maken in de Staatscourant.
2.9.
De benoeming van de vereffenaar wordt, zoals verzocht, uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 288 Rv Pro).

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
benoemt
mr. Irene Petronella Maria Schreven(kantoorhoudende te aan de Edelweisstraat 5, 5241 AH te Rosmalen , postadres: Postbus 255, 5240 AG te Rosmalen ) tot vereffenaar in de nalatenschap van:
[naam overledene],
geboren in [geboorteplaats] ( [land] ) op [geboortedatum] 1969 ,
laatstelijk wonende in [woonplaats] ,
dag en plaats van lijkvinding [datum] 2025 te [plaats] ,
3.2.
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
3.3.
draagt de vereffenaar op de benoeming bekend te maken in de Staatscourant;
3.4.
verzoekt de griffier de benoeming onverwijld in te schrijven in het boedelregister van de rechtbank op voet van het bepaalde in artikel 4:206 lid 6 BW Pro;
3.5.
verzoekt de griffier de kantonrechter te Rotterdam, locatie Rotterdam, op de hoogte te stellen van deze benoeming.
Deze beschikking is gegeven door mr. dr. P.G.J. van den Berg en in het openbaar uitgesproken op 3 februari 2026.
3120