Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
PONTMEYER HANDELSBEDRIJVEN B.V.,
HILLEGERSBERGSCHE GEVELPRODUCTEN B.V.,
DE JONG HANDELSONDERNEMING B.V.,
Rechtbank Rotterdam
Verzoeksters hebben een faillissementsverzoek ingediend tegen verweerster wegens niet-betaalde vorderingen uit koopovereenkomsten, inclusief incassokosten. Verweerster heeft deze vorderingen gemotiveerd betwist, onder meer met een creditering wegens retourzendingen en het niet aanvaarden van algemene voorwaarden.
Tijdens de zittingen heeft de rechtbank een kort en eenvoudig onderzoek gedaan naar de vorderingsrechten van verzoeksters. De rechtbank oordeelt dat verzoeksters onvoldoende hebben aangetoond dat de betwisting van verweerster direct verworpen kan worden. Er is geen summier bewijs dat verweerster is opgehouden met betalen en dat de vorderingen opeisbaar zijn.
Omdat in een faillissementsprocedure geen ruimte is voor nader onderzoek, concludeert de rechtbank dat het faillissementsverzoek moet worden afgewezen. De rechtbank wijst het verzoek tot faillietverklaring af en wijst op de mogelijkheid tot hoger beroep binnen acht dagen.
Uitkomst: Het faillissementsverzoek wordt afgewezen wegens onvoldoende summier bewijs van opeisbare vorderingen en betalingsonmacht.