De heer verzoeker bevindt zich in een problematische schuldensituatie en heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp). De rechtbank heeft dit verzoek behandeld op 16 januari 2026, waarbij ook vertegenwoordigers van schuldhulpverlening en CVD aanwezig waren.
De rechtbank beoordeelt dat de heer verzoeker voldoet aan de voorwaarden voor toelating tot de Wsnp, waaronder het zich bevinden in een problematische schuldensituatie, te goeder trouw zijn bij het ontstaan en onbetaald laten van schulden, en de verwachting dat hij aan de verplichtingen van de regeling zal voldoen. De rechtbank is bevoegd de procedure te openen omdat het centrum van voornaamste belangen van de heer verzoeker in Nederland ligt.
De looptijd van de regeling wordt vastgesteld op achttien maanden, ingaand op 23 januari 2026, de datum van het vonnis. Er is geen aanleiding voor een eerdere ingangsdatum omdat niet is voldaan aan de vereiste verplichtingen in het voorafgaande schuldhulpverleningstraject.
Tijdens de Wsnp moet de heer verzoeker voldoen aan diverse verplichtingen, waaronder informatieverstrekking, inspanningsverplichting, geen nieuwe schulden maken, en afdracht van inkomen boven het vrij te laten bedrag. Een bewindvoerder wordt benoemd om deze verplichtingen te controleren en de boedel te beheren, terwijl een rechter-commissaris toezicht houdt op de bewindvoerder.
Indien de heer verzoeker zich aan alle verplichtingen houdt, eindigt het traject met een schone lei, waardoor schuldeisers hun vorderingen niet meer kunnen verhalen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak.