Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
in conventie
3.Het geschil
in conventie
4.De beoordeling
in conventie
€ 144,-
Rechtbank Rotterdam
In deze civiele procedure vordert eiseres betaling van openstaande facturen voor inklaringswerkzaamheden die zij voor gedaagde heeft verricht. Gedaagde betwist de omvang van de werkzaamheden en voert een tegenvordering in reconventie in verband met vermeende fraude door de echtgenoot van eiseres, die als bedrijfsleider bij gedaagde werkte.
De rechtbank stelt vast dat de overeengekomen werkzaamheden zijn verricht en dat de facturen terecht zijn verzonden. De betwisting van de tijdsduur per container door gedaagde is onvoldoende gemotiveerd. De vordering tot betaling van de hoofdsom wordt daarom toegewezen, evenals de wettelijke handelsrente en een beperkt bedrag aan incassokosten.
De reconventionele vordering wegens onrechtmatige daad en ongerechtvaardigde verrijking wordt aangehouden omdat hierover een lopende bodemprocedure tegen de echtgenoot van eiseres bij de handelskamer van de rechtbank Rotterdam aanhangig is. De zaak wordt verwezen naar een latere rolzitting om de stand van zaken te bespreken.
De proceskosten worden toegerekend aan gedaagde, die in het ongelijk is gesteld. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard. De rechtbank benadrukt het onderscheid tussen de eenvoudige incassovordering in conventie en de complexere aansprakelijkheidsvordering in reconventie.
Uitkomst: Vordering tot betaling van facturen toegewezen, incassokosten deels toegekend, reconventie aangehouden tot uitspraak handelszaak.