ECLI:NL:RBROT:2026:2391
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.S. Flikweert
- L. den Teuling
- I.M. Braam
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs verminderd bewustzijn bij seksueel misbruik
De rechtbank Rotterdam heeft op 27 februari 2026 uitspraak gedaan in een zaak waarin de verdachte werd beschuldigd van het seksueel binnendringen van een slachtoffer dat zich in een staat van verminderd bewustzijn zou hebben bevonden. De officier van justitie stelde dat het slachtoffer niet bij bewustzijn was en dat de verdachte dit wist, terwijl de verdediging ontkende dat het slachtoffer verminderd bewust was en dat de verdachte hiervan op de hoogte was.
De rechtbank heeft vastgesteld dat seksuele handelingen hebben plaatsgevonden, maar dat onvoldoende bewijs bestaat dat het slachtoffer zich in een staat van verminderd bewustzijn bevond zoals bedoeld in artikel 243 Sr Pro. Hoewel het slachtoffer onvast ter been was en momenten van bewustzijnsverlies beschreef, toonde het dossier ook actief gedrag van het slachtoffer voor en na de seksuele handelingen, zoals het maken van een filmpje met haar telefoon.
Gezien het ontbreken van overtuigend bewijs dat het slachtoffer niet in staat was haar wil te bepalen en dat de verdachte hiervan op de hoogte was, heeft de rechtbank het ten laste gelegde feit niet bewezen geacht. De verdachte is daarom vrijgesproken. De vordering van de benadeelde partij is niet-ontvankelijk verklaard en beide partijen dragen hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat het slachtoffer zich in een staat van verminderd bewustzijn bevond en dat verdachte dit wist.