ECLI:NL:RBROT:2026:2498
Rechtbank Rotterdam
- Verschoning
- A.J.P. van Essen
- J. van den Bos
- W.J. de Veld
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens vriendschap met advocaat
In deze zaak heeft mr. Th. Veling, rechter bij de rechtbank Rotterdam, een verzoek tot verschoning ingediend in een lopend kort geding tussen eiseres en gedaagde. De reden voor het verzoek was een vriendschappelijke relatie met een van de advocaten van eiseres, mr. R.R. Verkerk, waardoor de rechter zich niet vrij voelde om de zaak te behandelen.
De rechtbank overwoog dat verschoning dient ter waarborging van de onpartijdigheid van de rechter. Hoewel er geen aanwijzingen waren dat de rechter subjectief niet onpartijdig was, moest worden beoordeeld of de vrees voor een gebrek aan onpartijdigheid objectief gerechtvaardigd was. De rechtbank achtte de omstandigheden, mede gezien het eigen verzoek van de rechter, als een zwaarwegende aanwijzing voor een objectief gerechtvaardigde vrees.
Daarom werd het verzoek tot verschoning toegewezen. De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer bestaande uit drie rechters en ondertekend door de voorzitter en griffier op 12 februari 2026.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen vanwege een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.