Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.De procedure
2.Het gevorderde in de hoofdzaak
3.Het geschil in het incident
4.De beoordeling in het incident
5.De beslissing
donderdag 26 maart 2026 om 10.00 uur;
3719/3660
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
In deze civiele procedure vordert eiser betaling van een geldbedrag, deskundigenkosten en incassokosten van gedaagde. Gedaagde heeft in een incident verzocht om verwijzing van de zaak naar de kamer voor kantonzaken en om uitstel voor het indienen van een conclusie van antwoord.
De rechtbank stelt vast dat de totale vordering van eiser €20.419,87 bedraagt, wat onder de competentiegrens van €25.000 valt. Op grond van artikel 71 lid 2 Rv Pro is de rechtbank verplicht de zaak te verwijzen naar de kamer voor kantonzaken. Het verzoek van gedaagde wordt daarom toegewezen.
De rechtbank bepaalt dat partijen niet hoeven te verschijnen bij de eerstvolgende rolzitting, dat zij in de vervolgprocedure ook zonder advocaat kunnen optreden, en dat het griffierecht zal worden verlaagd en teveel betaald griffierecht wordt teruggestort. De zaak wordt verwezen naar de kamer voor kantonzaken locatie Dordrecht.
Uitkomst: De rechtbank verwijst de zaak naar de kamer voor kantonzaken en wijst het verzoek om uitstel toe.