Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 11 november 2025, met bijlagen;
- het antwoord;
- de actuele specificatie van de huurachterstand van 29 januari 2026, met bijlagen.
Rechtbank Rotterdam
De huurder heeft een aanzienlijke huurachterstand van €15.228,15 bij verhuurder Havensteder. De kantonrechter veroordeelt de huurder tot betaling van dit bedrag, maar wijst incassokosten en rente af omdat het boetebeding in de algemene voorwaarden onredelijk is en in strijd met de wet.
Partijen spreken een betalingsregeling af waarbij de huurder maandelijks €250,00 aflost en vanaf april 2026 de huur op tijd moet betalen. Bij niet-naleving van deze regeling volgt ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming binnen een maand, met een ruimere ontruimingstermijn vanwege minderjarige kinderen in de woning.
De kantonrechter bepaalt dat de huurder een gebruiksvergoeding van €1.456,27 per maand moet betalen vanaf april 2026 tot ontruiming. Proceskosten van €2.614,45 worden aan de huurder opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat het direct kan worden uitgevoerd.
Uitkomst: Huurder wordt veroordeeld tot betaling van huurachterstand met betalingsregeling en ontbinding van huurovereenkomst bij niet-naleving.