Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het UWV-besluit waarin haar arbeidsongeschiktheidspercentage op 39,45% is vastgesteld en een WGA-uitkering is toegekend. Zij stelt dat zij meer beperkingen heeft dan vastgesteld en in een hogere arbeidsongeschiktheidsklasse moet worden ingedeeld.
De rechtbank beoordeelt dat het UWV terecht is uitgegaan van de functionele mogelijkhedenlijst (FML) opgesteld door de verzekeringsarts en bevestigd door de verzekeringsarts bezwaar en beroep. De medische rapporten zijn zorgvuldig tot stand gekomen, bevatten geen tegenstrijdigheden en zijn voldoende onderbouwd. Eiseres heeft geen objectief medisch bewijs geleverd dat haar beperkingen verder gaan dan vastgesteld.
Ook de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft vastgesteld dat de geselecteerde functies binnen de beperkingen van eiseres passen. Eiseres heeft dit niet met objectief bewijs kunnen weerleggen. Het beroep tegen het bestreden besluit II wordt daarom ongegrond verklaard.
Het beroep tegen het bestreden besluit I wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang, maar omdat het beroep heeft geleid tot het bestreden besluit II, wordt het griffierecht en proceskostenvergoeding voor het ingediende beroepschrift aan eiseres toegekend. Er worden geen proceskosten voor de zitting toegekend omdat het bestreden besluit I ruim voor de zitting is ingetrokken.