Uitspraak
1.Inleiding
2.Procesverloop
3.Adviezen
4.Standpunt van partijen
5.Beoordeling
6.Beslissing
2 (twee)jaren.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 18 maart 2026 uitspraak gedaan over de verlenging van de terbeschikkingstelling van een ter beschikking gestelde die veroordeeld is voor doodslag. De terbeschikkingstelling was aanvankelijk gelast op 3 oktober 2023 en de rechtbank ontving op 8 augustus 2025 een vordering tot verlenging.
De instelling en het Pieter Baan Centrum adviseerden verlenging met twee jaar vanwege een hoog recidiverisico, ondanks dat de ter beschikking gestelde sinds maart 2022 door een herseninfarct halfzijdig verlamd is en somatische zorg nodig heeft. De instelling onderzoekt mogelijkheden voor afschaling van veiligheidsmaatregelen en uitstroom naar een regulier verzorgingstehuis, maar dit traject zal geruime tijd duren.
De ter beschikking gestelde en zijn raadsvrouw voerden aan dat door de lichamelijke beperkingen geen gevaar meer bestaat en dat verlenging een schending van artikel 5 EVRM Pro zou zijn. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat het recidiverisico onverminderd hoog is en dat verlenging noodzakelijk is voor de veiligheid van de maatschappij.
De rechtbank verlengde de terbeschikkingstelling met twee jaar, omdat het behandel- en resocialisatietraject naar verwachting langer dan een jaar zal duren. Een verlenging van slechts één jaar werd afgewezen. De beslissing werd genomen door drie rechters en is openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met twee jaar vanwege het hoge recidiverisico ondanks lichamelijke beperkingen.