Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:3464

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
4 februari 2026
Publicatiedatum
30 maart 2026
Zaaknummer
C/10/712043 / KG ZA 25-1257
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 26d Auteurswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevel tot blokkering van toegang tot domeinnaam wegens auteursrechtinbreuk

Stichting BREIN, die de collectieve belangen van rechthebbenden behartigt, vordert in kort geding dat internetprovider Delta Fiber Nederland B.V. (DFN) de toegang tot het platform via de domeinnaam [domeinnaam].net blokkeert. Het platform biedt hyperlinks aan naar illegale kopieën van auteursrechtelijk beschermde Nintendo Switch-games en andere software, gratis te downloaden via internet.

BREIN heeft het convenant Blokkeren Websites doorlopen, waarbij eerst geprobeerd is de inbreukmakende content bij de bron offline te halen, maar dit is niet gelukt. DFN is een tussenpersoon die haar klanten toegang verschaft tot het platform. BREIN heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat het platform inbreuk maakt op auteursrechten en dat DFN haar diensten gebruikt om deze inbreuk mogelijk te maken.

DFN voert geen inhoudelijk verweer. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van BREIN toe en beveelt DFN om binnen vijf werkdagen na betekening van het vonnis de toegang tot de domeinnaam te blokkeren zolang het platform evident inbreukmakend is. Tevens moet DFN ook toegang blokkeren tot eventuele andere (sub)domeinnamen die hetzelfde inbreukmakende karakter hebben, na aanlevering door BREIN. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: De rechtbank beveelt DFN om de toegang tot het platform via de domeinnaam [domeinnaam].net en vergelijkbare (sub)domeinnamen te blokkeren wegens auteursrechtinbreuk.

Uitspraak

RECHTBANK Rotterdam

Team handel en haven
Zaaknummer: C/10/712043 / KG ZA 25-1257
Vonnis in kort geding van 4 februari 2026
in de zaak van
STICHTING BREIN,
gevestigd te Amsterdam,
eiseres,
advocaten: mrs. D.J.G. Visser en P. de Leeuwe ,
tegen
DELTA FIBER NEDERLAND B.V.,
gevestigd te Schiedam,
die vrijwillig is verschenen,
advocaat: mr. F. Uitterhoeve.
Partijen worden hierna BREIN en DFN genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit een conceptdagvaarding met zeven producties.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 21 januari 2026.

2.De feiten

2.1.
BREIN is een stichting die de collectieve bestrijding van auteursrechtinbreuken als doel heeft. Zij behartigt de belangen van de rechthebbenden op informatie en de rechtmatige exploitanten daarvan. Haar aangeslotenen bestaan uit makers, waaronder auteurs en uitvoerend kunstenaars, producenten, omroepen, uitgevers en distributeurs.
2.2.
[domeinnaam] is een professioneel ingericht platform (hierna: het platform) dat (hyperlinks naar) illegale kopieën van, met name, auteursrechtelijk beschermde Nintendo Switch-games aanbiedt. Ook biedt zij games aan van andere softwareontwikkelaars die zijn ontwikkeld en uitgegeven om op het Nintendo Switch-platform te worden gespeeld. Het platform bevat een vrij toegankelijke en eenvoudig doorzoekbare catalogus van meer dan 12.000 titels. De aangeboden games zijn gratis te downloaden via hyperlinks. Het platform is sinds november 2024 bereikbaar via het domein [domeinnaam] .net.
2.3.
DFN is een internetaccessprovider en beheerder van een glasvezelnetwerk in Nederland. Via de accesdiensten van DFN kunnen internetgebruikers toegang krijgen tot het platform en auteursrechtelijk beschermde werken downloaden.
2.4.
In oktober 2021 hebben BREIN en verschillende internetaccessproviders, waaronder DFN, het ‘Convenant Blokkeren Websites’ (hierna: het convenant) ondertekend. Op grond van het convenant zijn de toegetreden internetaccessproviders gehouden om een bevel van een Nederlandse rechter tot blokkering van websites die inbreuk maken op auteursrechten en/of naburige rechten uit te voeren, op voorwaarde dat het vonnis wordt gewezen in een procedure op tegenspraak. Het convenant bepaalt dat BREIN eerst het daarin opgenomen stappenplan moet doorlopen om te proberen inbreuk makende websites aan de bron af te sluiten voordat zij een vordering instelt om websites te blokkeren.
2.5.
BREIN heeft het stappenplan doorlopen en de registrant, de registrar, de registry en de hostingproviders van het platform aangesproken. Dit heeft er niet toe geleid dat de auteursrechtelijk beschermde werken offline zijn gehaald.

3.Het geschil

3.1.
BREIN vordert dat de voorzieningenrechter bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:
DFN beveelt om binnen vijf werkdagen na betekening van dit vonnis haar diensten die worden gebruikt om inbreuk te maken op de auteursrechten van de rechthebbenden van wie BREIN de belangen behartigt, te staken en gestaakt te houden, zolang het platform een evident inbreukmakend karakter heeft, door middel van het blokkeren en geblokkeerd houden van de toegang van haar klanten tot de domeinnaam [domeinnaam] .net,
DFN beveelt om, voor het geval het platform gaat opereren via andere (sub)domeinnamen dan voornoemde en/of het platform bereikbaar wordt via andere/aanvullende (sub)domeinnamen dan de voornoemde, zolang het proxy's en mirrors van hetzelfde platform zijn die eenzelfde of vrijwel identieke inhoud en een evident inbreukmakend karakter hebben, de toegang van haar klanten tot deze andere/aanvullende (sub) domeinnamen te blokkeren en geblokkeerd te houden, binnen vijf werkdagen na aanlevering door BREIN, per e-mail, op een door DFN aan te wijzen e-mailadres, van de juiste (sub)domeinnamen,
de kosten compenseert, zodat iedere partij de eigen kosten draagt.
3.2.
DFN refereert zich aan het oordeel van de voorzieningenrechter.

4.De beoordeling

4.1.
BREIN heeft een spoedeisend belang bij haar vorderingen, nu deze ertoe stekken op korte termijn een einde te maken aan inbreukmakend handelen.
4.2.
BREIN heeft met haar conceptdagvaarding en de daarbij behorende producties voldoende aannemelijk gemaakt dat [domeinnaam] op grote schaal auteursrechtelijk beschermde werken via het internet ter beschikking stelt aan het publiek, waaronder klanten van DFN. DFN is aan te merken als tussenpersoon als bedoeld in artikel 26d Auteurswet, aangezien zij haar klanten toegang biedt tot het platform. Verder is gebleken dat BREIN het stappenplan heeft doorlopen en dat dit niet tot het gewenste resultaat heeft geleid.
4.3.
Aangezien BREIN aan de wettelijke vereisten heeft voldaan, waaronder die voor het instellen van een collectieve actie, en DFN geen inhoudelijk verweer voert, worden de vorderingen van BREIN toegewezen. De proceskosten worden gecompenseerd overeenkomstig de door BREIN en DFN in het convenant gemaakte afspraak.

5.De beslissing

De voorzieningenrechter
5.1.
beveelt DFN om binnen vijf werkdagen na betekening van dit vonnis haar diensten die worden gebruikt om inbreuk te maken op de auteursrechten van de rechthebbenden van wie BREIN de belangen behartigt te staken en gestaakt te houden, zolang het platform een evident inbreukmakend karakter heeft, door middel van het blokkeren en geblokkeerd houden van de toegang van haar klanten tot de domeinnaam [domeinnaam] .net,
5.2.
beveelt DFN om, voor het geval het platform gaat opereren via andere (sub)domeinnamen dan voornoemde en/of het platform bereikbaar wordt via andere/aanvullende (sub)domeinnamen dan de voornoemde, zolang het proxy's en mirrors van hetzelfde platform zijn die eenzelfde of vrijwel identieke inhoud en een evident inbreukmakend karakter hebben, de toegang van haar klanten tot deze andere/aanvullende (sub) domeinnamen te blokkeren en geblokkeerd te houden, binnen vijf werkdagen na aanlevering door BREIN, per e-mail, op een door DFN aan te wijzen e-mailadres, van de juiste (sub)domeinnamen,
5.3.
compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
5.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. Bouwman en in het openbaar uitgesproken op 4 februari 2026. [2971/1729]