ECLI:NL:RBROT:2026:3468
Rechtbank Rotterdam
- Verschoning
- A.J.P. van Essen
- J. van den Bos
- W.J. de Veld
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens mogelijke schijn van vooringenomenheid
In deze zaak heeft een rechter van de rechtbank Rotterdam een verzoek tot verschoning ingediend in een lopende kort gedingprocedure tussen Gemeente Dordrecht en Ballast Nedam Ontwikkelingsmaatschappij B.V. De reden voor het verzoek was een langdurige cursusrelatie van meer dan tien jaar met een van de advocaten in de zaak, wat mogelijk de schijn van vooringenomenheid kan wekken.
De rechtbank overwoog dat een rechter geacht wordt onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die zwaarwegende aanwijzingen geven voor subjectieve vooringenomenheid of een objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor. Hoewel er geen aanwijzingen waren dat de rechter subjectief niet onpartijdig was, werd de objectieve vrees van schijn van vooringenomenheid als zwaarwegend beoordeeld.
Daarom werd het verzoek van de rechter om zich te mogen verschonen toegewezen, om de onpartijdigheid en het vertrouwen in de rechtspraak te waarborgen. De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer bestaande uit drie rechters en ondertekend op 5 maart 2026.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen vanwege de objectief gerechtvaardigde vrees van schijn van vooringenomenheid.