Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoeker;
- mevrouw D. Rodrigues, werkzaam bij Geldplein (hierna: schuldhulpverlening);
- [naam 2], werkzaam bij het Leger des Heils (hierna: begeleidster).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft een schuldregeling aangeboden aan drie concurrente schuldeisers, waarbij twee schuldeisers instemden en één schuldeiser, met een vordering van 54% van de totale schuldenlast, weigerde mee te werken. De regeling is gebaseerd op de NVVK-norm en de afloscapaciteit van verzoeker, die een Participatiewet-uitkering ontvangt en voor minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard.
De rechtbank stelt vast dat verzoeker sinds oktober 2025 een zelfstandige huurwoning met woonzorgcontract heeft, waardoor momenteel geen afloscapaciteit bestaat. Schuldhulpverlening verwacht niet dat de afloscapaciteit zal toenemen. De regeling voorziet in een prognosepercentage en is getoetst door een onafhankelijke partij. Verzoeker heeft geen nieuwe schulden laten ontstaan en zijn vaste lasten worden beheerd.
De rechtbank weegt het belang van de schuldeiser die weigert af te zien van volledige betaling af tegen het belang van verzoeker en de overige schuldeisers. Gezien de stabiele situatie van verzoeker, de instemming van de meerderheid van schuldeisers en de verwachting dat het akkoord een gunstiger resultaat oplevert dan een wettelijke schuldsaneringsregeling, wordt het verzoek toegewezen.
De schuldeiser wordt veroordeeld in de proceskosten, die nihil zijn begroot omdat er geen griffierecht is verschuldigd en verzoeker niet door een advocaat is bijgestaan. Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen. Het vonnis treedt in de plaats van vrijwillige instemming en is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Verzoek tot dwangakkoord wordt toegewezen en schuldeiser wordt bevolen in te stemmen met schuldregeling.