ECLI:NL:RBROT:2026:4538
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- C. Sikkel
- L. den Teuling
- E.H.N. van Hees
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs diefstal met geweld en openlijke geweldpleging
De rechtbank Rotterdam heeft op 9 april 2026 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen de verdachte, die werd beschuldigd van diefstal met geweld en openlijke geweldpleging op of omstreeks 8 oktober 2024 te Dordrecht. De officier van justitie vorderde een veroordeling, terwijl de verdediging vrijspraak bepleitte.
Uit het dossier, waaronder camerabeelden, bleek dat de medeverdachte de diefstal met geweld pleegde, maar er was onvoldoende bewijs dat de verdachte zelf een wegnemingshandeling heeft verricht of op andere wijze een bijdrage van voldoende gewicht heeft geleverd. De rechtbank oordeelde dat de klap die de verdachte aan de aangever gaf los stond van de diefstal en geen onderdeel was van het misdrijf. Ook ontbrak het bewijs voor (voorwaardelijk) opzet op het in vereniging plegen van openlijke geweldpleging.
Gelet op deze vrijspraken verklaarde de rechtbank de vordering van de benadeelde partij niet-ontvankelijk. De rechtbank sprak de verdachte vrij van beide tenlastegelegde feiten en wees de schadevordering af. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer strafzaken onder voorzitterschap van C. Sikkel.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van diefstal met geweld en openlijke geweldpleging wegens onvoldoende bewijs en ontbrekend opzet.