ECLI:NL:RBROT:2026:4699
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot toelating wettelijke schuldsaneringsregeling met vaststelling looptijd en ingangsdatum
De heer verzoeker heeft een verzoek ingediend om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp) vanwege een problematische schuldensituatie. De rechtbank heeft het verzoek behandeld op 4 maart 2026, waarbij ook de partner, schuldhulpverlener en beschermingsbewindvoerder aanwezig waren.
De rechtbank oordeelt dat de heer verzoeker ontvankelijk is omdat het niet mogelijk is gebleken om binnen afzienbare termijn tot een buitengerechtelijke schuldregeling te komen. Schuldhulpverlening heeft geen minnelijk aanbod gedaan vanwege onduidelijkheid over de schuldenlast en de toepassing van het nieuwe huwelijksvermogensrecht.
De heer verzoeker voldoet aan de voorwaarden voor toelating tot de Wsnp, waaronder het zich in een problematische schuldensituatie bevinden en te goeder trouw zijn bij het ontstaan van de schulden. De rechtbank stelt de looptijd van de regeling vast op 18 maanden, ingaand op 11 maart 2026, en wijst af om een eerdere ingangsdatum te bepalen vanwege het ontbreken van bewijs van nakoming van verplichtingen in het minnelijk traject.
Er wordt een bewindvoerder benoemd die toezicht houdt op de nakoming van de verplichtingen en beheer van de boedel. Tevens wordt een rechter-commissaris benoemd die toezicht houdt op de bewindvoerder. De regeling eindigt met een schone lei indien aan alle verplichtingen is voldaan.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak, uitsluitend door een advocaat in te dienen bij het gerechtshof.
Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling toegewezen met een looptijd van 18 maanden vanaf 11 maart 2026 zonder eerdere ingangsdatum.