ECLI:NL:RBROT:2026:5060
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening bij afwijzing bijstandsuitkering wegens niet duurzaam gescheiden leven
Verzoekster heeft een bijstandsuitkering aangevraagd nadat haar man vanwege een contact- en gebiedsverbod de woning had verlaten. Het college wees de aanvraag af omdat verzoekster en haar man niet duurzaam gescheiden zouden leven. De voorzieningenrechter oordeelt dat hoewel verzoekster en haar man niet duurzaam gescheiden leven, de relatie dermate ernstig is verstoord dat het niet verantwoord is nog langer rekening te houden met hun gezamenlijke middelen.
Tijdens de zitting verklaarde verzoekster dat er sprake was van huiselijk geweld en dat haar man sinds maart 2026 de huur niet meer betaalde. De voorzieningenrechter achtte er voldoende spoedeisend belang en stelde vast dat verzoekster niet kan worden geacht als ongehuwd te leven, maar dat de bijzondere omstandigheden een afwijking van de regel rechtvaardigen.
De voorzieningenrechter treft daarom een voorlopige voorziening en beveelt het college om per datum van de aanvraag voorschotten te verstrekken aan verzoekster. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. De uitspraak is bindend voor het voorlopige proces en hoger beroep is uitgesloten.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt toegewezen en het college moet voorschotten verstrekken aan verzoekster.