De Raad voor de Kinderbescherming heeft een verzoek ingediend tot ondertoezichtstelling van een minderjarige, geboren in 2017, vanwege zorgen over zijn ontwikkeling en opvoedsituatie. Dit volgde op een incident waarbij de halfzus van de minderjarige alleen thuis werd aangetroffen en uit onderzoek bleek dat er sprake was van huiselijk geweld in het verleden en een problematische gehechtheidsrelatie tussen de moeder en de minderjarige.
Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, waren de ouders, vertegenwoordigers van de Raad en de gecertificeerde instelling aanwezig. De moeder en vader spraken Tigrinja, waarvoor een beëdigde tolk werd ingezet. De minderjarige werd gehoord en zijn verhaal werd besproken.
De Raad constateerde dat de moeder, belast met het ouderlijk gezag, door een onbehandeld trauma niet in staat is om adequaat te reageren in stressvolle situaties, wat de ontwikkeling van de minderjarige bedreigt. Er zijn zorgen over angstklachten, leer- en gedragsproblemen bij de minderjarige. De vader is actief betrokken en biedt een veilige omgeving tijdens omgangsweekenden.
De kinderrechter oordeelde dat aan de voorwaarden voor ondertoezichtstelling is voldaan en verlengde deze voor negen maanden, waarbij de beslissing direct uitvoerbaar werd verklaard. De moeder stemde in met het verzoek en de gecertificeerde instelling onderschreef het belang van ondersteuning en regievoering over de hulpverlening.