Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 24 april 2026 in de zaak tussen
[naam eiseres] ., uit [plaats] , eiseres
Samenvatting
Procesverloop
Totstandkoming van het bestreden besluit
Het standpunt van eiseres over de last onder dwangsom
Daarnaast heeft de minister eiseres in dit geval niet kunnen verwijten dat zij geen documenten over het productieproces heeft overgelegd. De Houtverordening vereist dit namelijk niet expliciet. De beschikbare informatie dient wel alle stappen van de productieketen afdoende te dekken, zodat de herkomst van het hout voldoende duidelijk is. Het ontbreken van concrete stukken over de wijze waarop de houtproducten in China zijn geproduceerd, leidt in dit geval echter niet tot de conclusie dat de productieketen dan wel de herkomst van het hout niet afdoende in kaart is gebracht. Zo bevatten de documenten die eiseres heeft overgelegd informatie over de herkomst, de leveranciers en waar en door wie het hout is bewerkt, zoals expliciet voorgeschreven in artikel 6, eerste lid, onder a, van de Houtverordening. Daarmee is inzicht gegeven in de productie- en toeleveringsketen. Hoewel dat op zichzelf niet voldoende hoeft te zijn, is in dit geval onweersproken gebleven dat de gehele productieketen FSC-gecertificeerd was, zodat eiseres er in beginsel vanuit kon gaan dat de productie van de houtproducten in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving was. Gelet hierop heeft de minister zich niet op het standpunt kunnen stellen dat het overleggen van informatie over het productieproces noodzakelijk was om aan de informatieverplichting als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder a, van de Houtverordening te voldoen. Voor zover de minister eiseres tegenwerpt dat zij ten tijde van de import niet beschikte over kapconcessies, wijst eiseres terecht op artikel 3, vierde lid, van Uitvoeringsverordening. Daarin staat dat informatie over de kapconcessie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder a, tweede streepje van de Houtverordening wordt verstrekt wanneer het risico op illegale kap tussen kapconcessies van eenzelfde land of subnationale regio verschilt. De minister heeft niet gemotiveerd dat van die situatie sprake is, zodat eiseres niet zonder meer kan worden tegengeworpen dat zij geen kapconcessies heeft overgelegd. Daarbij overweegt de rechtbank dat eiseres inmiddels beschikt over de kapvergunningen van alle partijen hout. Voor de partijen twee en drie geldt dat is gebleken dat eiseres ten tijde van de import niet over de juiste gegevens aangaande de kapconcessies beschikte, omdat zij in dat verband verwees naar door haar leverancier vervalste informatie. Hoewel het aan eiseres is om valse documenten te onderscheiden van echte documenten, betrof het in dit geval, zoals eiseres betoogt, zeer gedetailleerde informatie die goed op elkaar aansloot en verwijzingen bevatte naar juiste gegevens. Pas nadat een medewerker van een leverancier zich tegenover eiseres versprak, is zij van de vervalste documenten op de hoogte geraakt. Gelet hierop en nu de leverancier bovendien FSC-gecertificeerd was, kon het feit dat eiseres aanvankelijk valse en daarmee onjuiste informatie over de kapconcessies heeft overgelegd, haar niet worden verweten. Dit geldt te minder nu eiseres achteraf alsnog juiste informatie heeft verstrekt.