De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, geboren in 2009. De minderjarige verblijft momenteel bij EEV in Dordrecht na een mislukte plaatsing bij de oom moederszijde en een periode van voorlopige hechtenis.
De moeder heeft sinds juli 2025 geen vaste woon- of verblijfplaats, waardoor terugplaatsing thuis niet mogelijk is. De bijzondere curator steunt het verzoek en benadrukt het belang van een stabiele woonplek met mogelijkheden voor dagbesteding en verdere ontwikkeling.
De kinderrechter oordeelt dat verlenging van de machtiging noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige. De beslissing wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat deze direct geldt, ook bij hoger beroep. De beschikking is op 6 mei 2026 uitgesproken en op 19 mei 2026 schriftelijk vastgelegd.