Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 9 oktober 2025, met bijlagen;
- het antwoord;
- de repliek, met bijlagen.
Rechtbank Rotterdam
Riverty, voorheen Afterpay, vordert betaling van €64,- van [gedaagde] voor een bestelling uit 2021 die via achteraf betalen is gedaan. [gedaagde] stelt dat zij de bestelling heeft geretourneerd, maar kan geen retourbewijs meer overleggen. Riverty betwist dit en eist betaling vermeerderd met rente en kosten.
De kantonrechter oordeelt dat de vordering verjaard is op grond van artikel 7:28 BW Pro, dat een verjaringstermijn van twee jaar hanteert voor consumentenkoop. De termijn begint te lopen vanaf de factuurdatum. Hoewel Riverty betalingsherinneringen uit 2022 en e-mails uit 2024 overlegt, is er een periode van meer dan twee jaar tussen de laatste herinnering in mei 2022 en de volgende aanspraak in mei 2024, waardoor de verjaring niet is gestuit.
Daarom wordt de vordering afgewezen en moet Riverty de proceskosten betalen, die aan de kant van [gedaagde] nihil worden begroot. Het vonnis is gewezen door kantonrechter G.A. Vriezen en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De vordering van Riverty wordt afgewezen wegens verjaring na twee jaar bij consumentenkoop.