Verzoekster heeft een verzoek ingediend om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp) vanwege een problematische schuldensituatie. De rechtbank heeft het verzoek behandeld op 26 februari 2026, waarbij ook de schuldhulpverlener en beschermingsbewindvoerder aanwezig waren.
De rechtbank oordeelt dat verzoekster ontvankelijk is omdat het niet aannemelijk is dat binnen afzienbare termijn een buitengerechtelijke schuldregeling kan worden getroffen. Verzoekster voldoet aan de voorwaarden voor toelating tot de Wsnp, waaronder het te goeder trouw zijn bij het ontstaan en onbetaald laten van schulden en de verwachting dat zij aan de verplichtingen zal voldoen. De rechtbank stelt de looptijd van de regeling vast op 18 maanden, ingaand op 12 maart 2026, zonder een eerdere ingangsdatum.
Tijdens de Wsnp moet verzoekster aan diverse verplichtingen voldoen, waaronder het afdragen van inkomen boven het vrij te laten bedrag en het niet maken van nieuwe schulden. Er wordt een bewindvoerder benoemd die toezicht houdt op de naleving van deze verplichtingen en de boedel beheert. Tevens wordt een rechter-commissaris benoemd voor toezicht op de bewindvoerder. Bij volledige naleving eindigt het traject met een schone lei, waardoor schuldeisers niet langer kunnen verhalen op verzoekster.