Uitspraak
1.Tenlastelegging
2.Vrijspraak/bewijs
Ik gaf middels het transparant aan de voorzijde van mijn dienstmotorvoertuig een stopteken aan de man. Ik zag dat de bestuurder, [verdachte] , geen gevolg gaf aan het gegeven stopteken.
- Meerdere snelheidsovertredingen binnen een 30 kilometer zone gebied. Hoogste snelheidsovertreding betrof minimaal 80 kilometer per uur daar waar 30 kilometer per uur was toegestaan op de P.A. de Genestetstraat.
- Geen voorrang verlenen aan het kruisende verkeer bord B6 op de kruising Jacob Marisstraat met de Brouwersdijk.
- Rijden over het trottoir op de Jacob Marisstraat.
- Rijden over het trottoir op het Mauveplein.
- Gedurende de gehele achtervolging geen richting aangeven bij het afslaan.
- Negeren stopteken.
hij op 19 september 2025 te Dordrecht als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee rijdende op de weg, de Willem Marisstraat en de Mauvestraat en de Theophile de Bockstraat en het Mauveplein en de Bisschopstraat en de Breitnerstraat en de Jozef Israëlsstraat en de Louis Apolstraat en de H.W. Mesdagstraat en de Van Hoytemastraat en de Jacob Marisstraat en de Brouwersdijk en de P.A. de Genestetstraat en het J.P. Heijeplein en de Krispijnseweg, zich opzettelijk zodanig heeft gedragen dat de verkeersregels in ernstige mate werden geschonden door
- een stopteken van het transparant van een politievoertuig te negeren en
- met snelheden van ongeveer 60 kilometer per uur tot ongeveer 80 kilometer per uur te rijden op wegen waar de maximum toegestane snelheid 30 kilometer per uur was en
- met hoge snelheid zodanig te rijden dat een tegemoetkomend voertuig abrupt moest uitwijken om een botsing te voorkomen en
- zonder af te remmen met hoge snelheid een voorrangskruising over te rijden en
- meermalen over het trottoir te rijden en
- meermalen geen richting aan te geven bij het afslaan,
door welke verkeersgedragingen van verdachte levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor anderen te duchten was;
hij op 19 september 2025 te Dordrecht, als degene tegen wie verdenking was gerezen als bestuurder van een personenauto te hebben gehandeld in strijd met artikel 8 van Pro de Wegenverkeerswet 1994, geen gevolg heeft gegeven aan een aan hem gegeven bevel van een daartoe bij regeling van de Minister van Veiligheid en Justitie aangewezen ambtenaar van politie, zich aan een bloedonderzoek te onderwerpen en geen medewerking daaraan heeft verleend;
hij, als degene die als bestuurder van een motorrijtuig betrokken was geweest bij een verkeersongeval dat had plaatsgevonden in Dordrecht op 19 september 2025 de plaats van vorenbedoeld ongeval heeft verlaten, terwijl bij dat ongeval, naar hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden, aan een ander (te weten G.P. [naam 2] ) schade was toegebracht;
hij, als degene die als bestuurder van een motorrijtuig betrokken was geweest bij een verkeersongeval dat had plaatsgevonden in Dordrecht op het Mauveplein,
op 19 september 2025 de (voornoemde) plaats van vorenbedoeld ongeval heeft verlaten, terwijl bij dat ongeval, naar hij wist, aan een ander (te weten [benadeelde partij] ) schade was toegebracht;
hij op 19 september 2025 te Dordrecht als bestuurder van een motorrijtuig (personenauto) heeft gereden op de weg, de Willem Marisstraat en de Mauvestraat en de Theophile de Bockstraat en het Mauveplein en de Bisschopstraat en de Breitnerstraat en de Jozef Israëlsstraat en de Louis Apolstraat en de H.W. Mesdagstraat en de Van Hoytemastraat en de Jacob Marisstraat en de Brouwersdijk en de P.A. de Genestetstraat en het J.P. Heijeplein en de Krispijnseweg, zonder dat aan hem door de daartoe bevoegde autoriteit, als bedoeld in artikel 116 lid 1 van Pro de Wegenverkeerswet 1994 een rijbewijs was afgegeven voor de categorie van motorrijtuigen, waartoe dat motorrijtuig behoorde.
3.Kwalificatie en strafbaarheid
4.Straffen
5.Voorlopige hechtenis
6.Vordering van de benadeelde partij
7.Wettelijke voorschriften
8.Beslissingen
gevangenisstraf van 120 (honderdtwintig) dagen;
30 (dertig) dagen van deze gevangenisstrafniet ten uitvoer zullen worden gelegd, tenzij de rechter later anders beslist;
14 (veertien) dagen hechtenis;
de 14 (veertien) dagen hechtenisniet ten uitvoer zullen worden gelegd, tenzij de rechter later anders beslist;