Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.[naam 1] ,2. [naam 2] ,
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de conclusie van antwoord, met producties 1 t/m 10,
- de namens [gedaagden] later ingediende productie 11,
3.De feiten
4.Het geschil
5.De beoordeling
De precieze mate van bewoning is volgens Woonstad niet relevant. Ter onderbouwing van deze stelling heeft Woonstad een aantal verklaringen van buurtbewoners overgelegd, en een verklaring die de minderjarige zoon van [gedaagden] aan de deurwaarder zou hebben gegeven bij de betekening van de brief waarin de erfpacht wordt opgezegd aan het tweede woonadres van [gedaagden]