ECLI:NL:RBROT:2026:658

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
20 januari 2026
Publicatiedatum
27 januari 2026
Zaaknummer
10/252640-25
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Poging tot doodslag en niet-ontvankelijkheid officier van justitie in Rotterdam

Op 20 januari 2026 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een strafzaak tegen de verdachte, geboren op 1998, die beschuldigd werd van poging tot moord/doodslag en het voorhanden hebben van een automatisch vuurwapen. De rechtbank oordeelde dat de verdachte op 16 augustus 2025 in Rotterdam meerdere schoten heeft afgevuurd op twee slachtoffers, die daardoor gewond zijn geraakt. De verdachte werd vrijgesproken van het bezit van een automatisch vuurwapen, omdat niet kon worden vastgesteld of het gebruikte wapen daadwerkelijk automatisch was. De officier van justitie werd gedeeltelijk niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging met betrekking tot de ten laste gelegde vernieling, omdat niet was aangetoond dat de Franse overleveringsrechter toestemming had gegeven voor deze vervolging. De rechtbank legde een gevangenisstraf van acht jaren op voor de poging tot doodslag, waarbij ook rekening werd gehouden met de impact van het geweld op de slachtoffers en de samenleving. De vorderingen van de benadeelde partijen werden gedeeltelijk toegewezen, waarbij de rechtbank oordeelde dat er voldoende causaal verband was tussen het handelen van de verdachte en de materiële schade aan de auto van de benadeelde partij 1, maar dat de vordering van benadeelde partij 2 niet voldoende was onderbouwd.

Uitspraak

Rechtbank RotterdamZittingsplaats Dordrecht
Meervoudige kamer strafzaken
Parketnummer: 10/252640-25
Datum uitspraak: 20 januari 2026
Datum zitting: 6 januari 2026
Tegenspraak
Verdachte:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum 1] 1998 in [geboorteplaats 1] ,
ingeschreven op het adres [adres 1] , [postcode] [plaatsnaam 1] ,
gedetineerd in het [detentieadres] .
Advocaat van de verdachte: mr. H. Raza
Officier van justitie: mr. K. Broere
Benadeelde partijen: [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2]
Kern van het vonnis
De verdachte heeft in een drukke straat meerdere schoten afgevuurd op twee personen, die daardoor gewond zijn geraakt. De rechtbank acht bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan een poging tot doodslag op beide slachtoffers. De verdachte wordt vrijgesproken van het bezit van een automatisch wapen, omdat niet is bewezen dat de schoten zijn afgevuurd met een automatisch wapen. Het openbaar ministerie is niet-ontvankelijk ten aanzien van de ten laste gelegde vernieling, omdat niet is gebleken dat de Franse rechter van deze beschuldiging op de hoogte was toen die instemde met het overleveringsverzoek.

1.Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij heeft geprobeerd om twee personen te vermoorden door op hen te schieten, dat hij een automatisch vuurwapen voorhanden heeft gehad en dat hij – door genoemd schieten – een aantal auto’s en woningen heeft vernield. De volledige tenlastelegging houdt in dat:
1
hij op of omstreeks 16 augustus 2025 te Rotterdam, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade anderen, te weten [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] van het leven te beroven,
- een vuurwapen heeft gericht op die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of op de personenauto waarin die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] zich bevonden en/of
- met een vuurwapen een of meer kogels heeft afgevuurd in de richting van die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of de personenauto waarin die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] zich bevonden, waarbij een of meer kogels die personenauto zijn binnengedrongen en/of waarbij die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 1] gewond zijn geraakt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
2
hij op of omstreeks 16 augustus 2025 te Rotterdam, een wapen van categorie II, onder 2 van de Wet wapens en munitie, te weten een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3 van die wet, geschikt om automatisch te vuren, van het merk/type AK47 voorhanden heeft gehad;
3
hij op of omstreeks 16 augustus 2025 te Rotterdam, (telkens) aan de Rechthuislaan meermalen opzettelijk en wederrechtelijk hierna te noemen goederen, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te weten aan de hierna te noemen rechthebbenden toebehoorden, heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt, te weten
- van een woning een raam en/of een gordijn en/of een muur, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3] en/of Woonstad Rotterdam en/of
- van een tabakszaak gevestigd aan de Rechthuislaan een (buiten)muur, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4] en/of
- van een personenauto merk/type Volkswagen Polo met kenteken [kenteken 1] de kofferbak en/of de linkerzijde van de auto, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5] en/of
- een personenauto merk/type Renault Captur met kenteken [kenteken 2] , geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6] en/of
- van een personenauto merk/type Citroën C3 met kenteken [kenteken 3] de (achterruit) en/of de hoofdsteun, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 7] .

2.Ontvankelijkheid van de officier van justitie

2.1.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft als preliminair verweer gevoerd dat het openbaar ministerie primair niet-ontvankelijk is ten aanzien van alle drie de feiten op de dagvaarding, nu niet kan worden vastgesteld voor welke feiten de rechter in Frankrijk toestemming heeft gegeven voor de vervolging daarvan en de verdachte geen afstand heeft gedaan van de bescherming van het specialiteitsbeginsel, als genoemd in artikel 27, tweede lid, van het Kaderbesluit 2002/584/JBZ betreffende het Europees aanhoudingsbevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten. Subsidiair moet het openbaar ministerie niet-ontvankelijk worden verklaard ten aanzien van feit 3 op de dagvaarding, omdat het derde feit niet was opgenomen in het Europees Aanhoudingsbevel en daarom niet kan worden vastgesteld dat er toestemming is gegeven voor de vervolging ter zake daarvan.
2.2.
Standpunt van de officier van justitie
Aangenomen mag worden dat de Franse rechter toestemming heeft gegeven voor de vervolging van de feiten zoals deze zijn opgenomen in het Europees Aanhoudingsbevel en ook van feit 3. De officier heeft een van de autoriteiten in Frankrijk ontvangen T-formulier overgelegd, waaruit blijkt dat toestemming is gegeven voor vervolging inzake de feiten 1 en 2. Daarbij heeft zij betoogd dat feit 3 onder hetzelfde feitencomplex als de feiten 1 en 2 valt, namelijk het schieten op twee personen waarbij ook woningen en auto’s zijn vernield. De officier van justitie stelt zich daarom op het standpunt dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in de vervolging ten aanzien van alle feiten.
2.3.
Oordeel van de rechtbank
Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit het T-formulier dat voor de vervolging van de feiten 1 (poging moord/doodslag) en 2 (voorhanden hebben automatisch vuurwapen) op de dagvaarding toestemming is gegeven en dat de verdachte geen afstand heeft gedaan van het specialiteitsbeginsel.
De rechtbank is met de verdediging van oordeel dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk is ten aanzien van feit 3, omdat niet is gebleken dat de Franse overleveringsrechter toestemming heeft gegeven voor vervolging van de verdachte ter zake. De vernieling wordt in het T-formulier niet genoemd.
In concretobetekent dit dat de officier van justitie partieel niet-ontvankelijk is in de vervolging, te weten ten aanzien van feit 3 (vernieling) op de dagvaarding. De officier van justitie is wél ontvankelijk in de vervolging ten aanzien van de feiten 1 (poging moord/doodslag) en 2 (voorhanden hebben automatisch vuurwapen).

3.Bewijs

3.1.
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte moet worden veroordeeld voor feit 1 impliciet subsidiair en feit 2. Het standpunt van de officier van justitie zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.
3.2.
Conclusie van de verdediging
De verdediging heeft vrijspraak bepleit voor alle feiten. Het standpunt van de verdediging zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.
3.3.
Oordeel van de rechtbank
3.3.1.
Bewezenverklaring en bewijsmiddelen
Bewezen is dat de verdachte heeft geprobeerd de slachtoffers met opzet te doden. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 3.3.3.
De bewezenverklaring van feit 1 impliciet subsidiair is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen [1] en de onderstaande bewijsmotivering.
1.
Proces-verbaal van de politie [2]
Aankomst Chevrolet Kalos, voorzien van kenteken [kenteken 4]
15 augustus 2025 om 23:53:38 uur - Camera cameratoezicht [nummer 1]
Ik zag dat er een Chevrolet Kalos met kenteken [kenteken 4] op de Rechthuislaan reed en dat het voertuig parkeerde aan de linkerzijde van de weg tegenover de woningen ter hoogte van de [adres 2] . Ik zag dat de persoon uitstapte vanaf de bijrijderszijde. Ik zag dat de persoon geheel in het zwart gekleed was en een zwarte hoodie over zijn hoofd had.
Aankomst Volkswagen Golf, voorzien van het kenteken [kenteken 5]
16 augustus 2025 om 00:01:58 uur - Camera cameratoezicht [nummer 1]
De Volkswagen Golf, wit van kleur, met kenteken [kenteken 5] , rijdt op de Rechthuislaan en komt stil te staan achter de Chevrolet Kalos met kenteken [kenteken 4] . Om 00:02:06 uur zag ik dat de persoon vanaf de rechterzijde van de Chevrolet Kalos naar de bestuurderszijde van de Volkswagen Golf liep. Om 00:02:15 uur zag ik dat de persoon weer terug naar de Chevrolet Kalos liep en een wapen pakte en op de bijrijder van de Volkswagen Golf schoot die inmiddels uitgestapt is en wegrent. Vervolgens zag ik dat de persoon op de inmiddels wegrijdende Volkswagen Golf schoot. Ik zag dat de Volkswagen Golf over het fietspad de Brede Hilledijk op richting de Hillelaan reed. Om 00:03:00 uur loopt de persoon vanaf de Rechthuislaan de Tolhuislaan op en rent de groenstrook op tussen de Walhallalaan en de Tolhuislaan.
Vertrek persoon
16 augustus 2025 om 00:03:34 uur - Camera [adres 3]
Ik zag dat de persoon vanaf de Walhallalaan het Frijapad op rende richting de Maashavenkade. Ik zag dat de persoon een zwart voorwerp in zijn linkerhand vast had.
16 augustus 2025 om 00:05:25 uur - Camera Bauwatch
Ik zag dat de persoon vanaf de Maashavenkade, over het trottoir, richting de bestuurderszijde van het grijze voertuig liep en instapte.
Vertrek klein voertuig, grijs van kleur, vermoedelijk een Hyundai Getz, kenteken: onbekend
16 augustus 2025 om 00:05:48 uur - Camera Bauwatch
Ik zag dat het kleine grijze voertuig keerde en vanaf de Maashavenkade richting de Wodanstraat/Tolhuislaan reed.
16 augustus 2025 om 00:06:39 uur - Camera cameratoezicht [nummer 1]
Ik zag dat het kleine grijze voertuig over de Tolhuislaan richting de Brede Hilledijk reed.
16 augustus 2025 om 00:08:37 uur - Camera Jumbo Hillelaan
Ik zag dat het kleine grijze voertuig over de Hillelaan rechterdoor reed over de kruising met de Maashaven Noordzijde. Ik zag dat het voertuig het rode uitstralende verkeerslicht negeerde. Ik zag dat de Hillelaan over ging in de Maashaven Oostzijde. Ik zag dat het grijze voertuig over de Maashaven Oostzijde richting de kruising met de Dordtselaan reed.
16 augustus 2025 om 00:09:07 uur- Camera cameratoezicht [nummer 2]
Ik zag dat het kleine grijze voertuig op de Maashaven Oostzijde reed en op de kruising met de Dordtselaan rechtdoor reed en verder reed op de Dordtselaan. Ik zag dat het voertuig het rood uitstralende verkeerslicht op deze kruising negeerde.
16 augustus 2025 om 00:10:12 uur - Camera cameratoezicht [nummer 3]
Ik zag dat het kleine grijze voertuig bij de kruising met de Strevelsweg voor linksaf voorsorteerde maar dat het voertuig rechtsaf de Strevelsweg op reed richting de kruising met de Pleinweg. Ik zag dat het voertuig hierbij het rood uitstralende verkeerslicht negeerde.
16 augustus 2025 om 00:10:43-00:11:10 uur - Camera cameratoezicht [nummer 4]
Ik zag dat het kleine grijze voertuig vanaf de Strevelsweg met de bocht mee naar links reed en richting de kruising met de Motorstraat/Meijerijstraat reed. Ik zag dat het kleine grijze voertuig deze kruising passeerde en richting de kruising aanweg/Zuiderparkweg reed. Ik zag dat het kleine grijze voertuig linksaf sloeg en de Vaanweg op reed richting de kruising Oldegaarde met de Vinkenbaan.
Ik bekeek de volledige beelden die veiliggesteld waren. Ik zag dat er op deze camerabeelden geen ander gelijk klein grijs voertuig voorbij reed.
Aankomst grijs klein voertuig en vertrek persoon
15 augustus 2025 om 23:32:37 uur - Camera cameratoezicht [nummer 5]
Ik zag dat er een klein grijs voertuig vanaf de Brielselaan de Maashaven Oostzijde op reed.
15 augustus 2025 om 23:33:02 uur - Camera cameratoezicht [nummer 6]
Ik zag dat er een klein grijs voertuig vanaf de Maashaven Oostzijde de Maashaven Noordzijde op reed.
15 augustus 2025 om 23:33:26 uur - Beelden Gezondheidscentrum Care XI, [adres 4].
Ik zag dat er een klein grijs voertuig de Maashaven Noordzijde richting de Sumatraweg op reed.
15 augustus 2025 om 23:34:27 uur - Camera cameratoezicht [nummer 7]
Ik zag dat er een klein grijs voertuig vanaf de Sumatraweg, linksaf de Tolhuislaan, linksaf de Wodanweg en vervolgens rechtsaf de Maashavenkade op reed.
15 augustus 2025 om 23:35:24 uur - Camera Bauwatch
Ik zag dat er een klein grijs voertuig op de Maashavenkade reed en het voertuig parkeerde aan de rechterzijde van de weg ter hoogte van de ingang van een bouwterrein. Dit bouwterrein is gevestigd naast een gebouw wat gevestigd is aan de [adres 5].
15 augustus 2025 om 23:44:20 uur - Camera Bauwatch
Ik zag dat de bestuurdersportier van het kleine grijze voertuig open ging en dat er een persoon uitstapte die geheel in het zwart gekleed was en een zwarte hoodie over zijn hoofd had. Ik zag dat hij het tussenpaadje in liep dat leidt tot de Walhallalaan.
2.
Proces-verbaal van de politie [3]
In dit proces-verbaal van bevindingen zijn camerabeelden omschreven van een camera aan de Rechthuislaan in Rotterdam.
Om 23:53:46 uur (15/08/2025) is zichtbaar dat er een zwarte personenauto komt aanrijden en in de groenstrook van de Rechthuislaan parkeert. Dit betreft de later inbeslaggenomen Chevrolet Kalos met kenteken [kenteken 4] .
Om 23:54:04 uur is zichtbaar dat er een persoon, volledig in het zwart gekleed, via het
bijrijdersportier uit de auto stapt. Dit blijkt de latere schutter te zijn. Hij is de enige van alle mensen die later nog in beeld komen die een lange zwarte broek draagt.
Om 23:56:04 uur is zichtbaar dat er steeds meer auto's parkeren in de groenstrook ter hoogte van de Chevrolet.
Om 00:02:10 uur is zichtbaar dat de verdachte richting een witte Volkswagen Golf loopt die even daarvoor aan komt rijden. De verdachte loopt richting de auto en lijkt in gesprek te raken met de bestuurder van de auto. Op de camerabeelden is zichtbaar dat de verdachte iets zwart voor zijn handen houdt en dit beweegt. Kort daarna is de lichtere huidskleur van zijn handen niet meer zichtbaar waardoor het geheel de indruk geeft dat de verdachte handschoenen heeft aangetrokken.
Om 00:02:21 uur is zichtbaar dat de verdachte zich omdraait en richting de Chevrolet loopt. Ineens gaat het bijrijdersportier van de Volkswagen open en rent de bijrijder hard weg achter de geparkeerde auto's. De verdachte is op dat moment niet zichtbaar.
Om 00:02:24 uur is zichtbaar dat de verdachte vanuit de richting van de Chevrolet vermoedelijk een automatisch vuurwapen in de richting van de bijrijder uit de Volkswagen richt en schiet. De contouren van het wapen doen vermoeden dat het een AK47 betreft. Bij het schieten is zijn meerdere lichtflitsen en rookpluimen zichtbaar. Op het moment dat de bijrijder achter de geparkeerde auto's wegduikt en de verdachte aan het schieten is, vliegen er stofwolken uit de gevel, vermoedelijk door de inslag van de kogelpunten. De bijrijder komt ten val maar weet daarna aan het gevaar te ontsnappen door hard weg te rennen.
Om 00:02:26 uur is zichtbaar dat de Volkswagen in beweging komt en zijn weg probeert te vervolgen. De schutter richt daarop zijn wapen in de richting van de Volkswagen en schiet meerdere keren in zijn richting. De auto voor de Volkswagen stuurt uit naar rechts waardoor de Volkswagen linksaf kan slaan om zijn weg te vervolgen. De schutter rent achter de wegrijdende Volkswagen aan.
Om 00:02:33 uur is zichtbaar dat de verdachte nog kort achter de wegrijdende Volkswagen aanrent.
Om 00:02:56 uur is op de camera, tegenover de camera van de Rechthuislaan, zichtbaar dat de verdachte de doorgaande weg oversteekt en uit beeld verdwijnt.
3.
Proces-verbaal van de politie [4]
Camerabeelden Bauwatch Cam03.252. TOEZICHT poort uitgang (aankomst)
Deze camera van Bauwatch is gericht op de Maashavenkade ter hoogte van de ingang van een bouwterrein.
Omstreeks 23:35:24 uur zie ik op de camerabeelden links bovenin een licht grijs voertuig aan komen rijden. Dit voertuig parkeert aan de rechterzijde van de weg, naast de ingang van het bouwterrein.
Omstreeks 23:44:20 uur zie ik dat de deur aan de bestuurderskant open gaat. Ik zie dat een persoon volledig in zwarte kleding uitstapt. Verder zie ik geen beweging wat duidt op meerdere personen die in dit voertuig zouden kunnen zitten.
Omstreeks 23:44:36 uur zie ik op de bewegende beelden dat de lichaamshouding zich doet vermoeden dat deze persoon een voorwerp met zich mee draagt in zijn linkerhand. De contouren van de arm van deze persoon ziet er ook wat vierkant uit.
Omstreeks 23:44:43 uur zie ik dat de persoon voor het voertuig langs loopt en vervolgens het tussenpad in loopt welke leidt tot de Walhallalaan.
Camerabeelden Bauwatch Cam03.252. TOEZICHT poort uitgang (vertrek)
Omstreeks 00:05:25 uur zie ik linksboven in beeld dat er een persoon volledig zwart gekleed terug naar het voertuig komt lopen. De deur aan de bestuurderskant van het voertuig wordt geopend en de persoon stapt in. Omstreeks 00:05:43 uur zie ik dat de koplampen van het voertuig gaan branden en in beweging komt. Het voertuig keert linksom en rijdt weg.
Tussen de aankomst van het voertuig, het uitstappen, vervolgens met de voet zich verplaatsen en terug komen bij het voertuig is er verder geen beweging gezien rondom en in het voertuig. Hierdoor kan ik vaststellen dat deze persoon alleen gebruikt heeft gemaakt van dit voertuig en er geen andere personen in dit voertuig aanwezig zijn geweest.
4.
Proces-verbaal van de politie [5]
De officier van justitie heeft toestemming gegeven om historische geregistreerde kentekengegevens te vorderen bij het bedrijf ARS Traffic & Transport Technology BV. Op 20 augustus 2025 werden de resultaten ontvangen en geanalyseerd. Uit deze analyse bleek dat er in het gevorderde tijdvak, van 15 augustus 2025 te 23:15 uur en 16 augustus te 00:30 uur, 1455 voertuigen geregistreerd zijn op de doorgaande wegen waaronder ook de route die de grijze auto volgens de camerabeelden heeft gevolgd. Uit de analyse bleek dat de 1455 geregistreerde kentekens horen bij 805 identieke voertuigen. Tussen dezen 805 voertuigen zijn slechts 3 Hyundai Getz geregistreerd. Op basis van bovenstaande is zichtbaar dat er slechts 1 Hyundai Getz is geregistreerd met een grijze kleur, kenteken [kenteken 6]. De grijze auto is met camerabeelden gevolgd en daarbij is zichtbaar dat de grijze auto om 00:10:43 uur op camerabeelden op de Strevelsweg zichtbaar is. Hij komt dan uit de richting van de Dordtselaan gereden, globaal uit de richting van de plaats delict. Volgens de geregistreerde kentekengegevens van ARS wordt er op 00:10:45 uur een grijze Hyundai Getz geregistreerd, voorzien van het kenteken [kenteken 6]. Het verschil tussen de
waarneming op de camerabeelden en de registratie door ARS betreft slechts 2 seconden. In de tussentijd is er ook geen soortgelijk voertuig geregistreerd.
5.
Proces-verbaal van de politie [6]
Uit een bevraging in het register van de rijksdienst voor het wegverkeer bleek dat het
kenteken [kenteken 6] geregistreerd staat op naam van [naam 1], geboren op [geboortedatum 2] 1975 in [geboorteland], ingeschreven aan het [adres 6]. Het voertuig staat sinds 28 februari 2025 op haar naam geregistreerd. Uit een bevraging in de basisregistratie personen bleek dat er vier personen staan ingeschreven op het [adres 6]. Het gaat om de volgende personen:
  • [naam 2], geboren op [geboortedatum 3] 1978, (m),
  • [verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] 1998, (m),
  • [naam 3], geboren op [geboortedatum 4] 2000, (v),
  • [naam 1], geboren op [geboortedatum 2] 1975 (v).
Op 1 augustus 2025, te 19:10 uur, is in combinatie met het kenteken [kenteken 6] een digibon geregistreerd waaraan de feitcode
'Autogordel (R533)'is gekoppeld. De pleeglocatie betreft de Rijksweg A4 ter hoogte van Heijningen. De identiteit van de betrokken persoon betreft [verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] 1998 in [geboorteplaats 1].
6.
Proces-verbaal van de politie [7]
Bij de schietpartij zou door de verdachte mogelijk gebruik zijn gemaakt van een Chevrolet Kalos met kenteken [kenteken 4] . Genoemd voertuig was achter gebleven op de Rechthuislaan en staat op naam van:
[naam 4], geboren [geboortedatum 5] 1987.
7.
Proces-verbaal van de politie, verklaring [getuige] [8]
Op 16 augustus 2025 vanaf 12:51 uur tot 13:28 uur werd door mij in Rotterdam gehoord de [getuige].
V: Ik ga je vragen stellen over wat er gebeurd is gisteravond bij de schietpartij.
A: BBQ georganiseerd met vrienden onderling. Goed contact met bewaking SS Rotterdam. De bbq was bij kunstobject ‘de gestilleerde hijskraan’ op Katendrecht. Het was rond half 12 klaar. Toen ging ik naar de auto van mijn broer. De auto was een zwarte Chevrolet Kalos. Tijdens het wachten kwam er een gemaskerde man naar de auto. Hij kwam intimiderend over. Hij vroeg of ik hem wilde wegrijden. Ik reed toen weg en ik volgde de menigte. Hij zei rij waar iedereen heen rijdt. Ik volgde de menigte. Eenmaal aangekomen op de Rechthuislaan zette ik de auto op de stoep. De gemaskerde man maakte een opmerking en zei ik heb nog iets in de auto liggen. Toen ik terugkwam bij de auto was de autoruit ingeslagen. Die gemaskerde man stond nog in de straat ter hoogte van de auto. Ik kwam aanlopen en ik zag flitsen en hoorde ook knallen.
V: Hoe zag de gemaskerde man eruit?
A: Hij was van gemiddelde lengte. Hij was helemaal in het zwart. Hij had een capuchon en een bivakmuts op. Hij sprak Nederlands. Ik stond op het kruispunt van de Walhallalaan en de Staalstraat te wachten. Daar stapte de gemaskerde man in. Hij stapte rond half 12 zoiets in. Toen ik uitstapte stapte hij ook uit. Ik zat linksvoor en mijn vriend zat rechtsachter, achter de gemaskerde man.
V: Hebben nog andere mensen het gezien?
A: De straat was vol. Ik parkeerde de auto aan de andere kant van de Rechthuislaan ten opzichte van café Norge.
8.
Proces-verbaal van de politie [9]
Op 16 augustus omstreeks 00:28 uur kwamen wij ter plaatse op het plein bij de Spoedeisende hulp van het Ikazia ziekenhuis aan de [adres 7]. Wij zagen daar een licht grijze Volkswagen Golf GTI staan voorzien van het Nederlandse kenteken [kenteken 5] . Wij zagen in een snelle blik naar het voertuig het volgende:
- Eén inslag in het linker voorportier, rechts bovenin de hoek;
- Twee inslagen in het linker achterportier, in het midden van de deur;
- Vier inslagen in de linker zijkant tussen het achterportier en het achterlicht;
- Een kapotte ruit van de deur in het linker achterportier.
Wij zagen dat dit leek op kogelinslagen. Wij liepen via de zijingang de spoedeisende hulp van het lkazia ziekenhuis binnen. Wij zagen op de grond tussen de wachtruimte en de behandelkamers diverse bloeddruppels in een spoor liggen. Wij hoorden het aanwezige personeel zeggen: "Er lig iemand in traumakamer 2. Er ligt ook iemand in die kamer." Wij liepen naar de kamer, die het aanwezige personeel aanwees. Wij zagen een donker getinte man liggen. Wij zagen een vermoedelijk schotwond in de rechter bovenarm. Een van de personen kreeg nog een medische behandeling en was nog niet bereikbaar. Ik, [verbalisant 1], kreeg van het eerste slachtoffer toestemming om op het beeldscherm van het ziekenhuis zijn gegevens over te nemen. Het bleek te gaan om:
[slachtoffer 1] geboren op [geboortedatum 6] 1997.
Ik zag dat het slachtoffer met zijn telefoon bezig was. Ik zag dat hij bezig was bij de
systeeminstellingen om het toestel mogelijk te wissen.
Hierop nam ik, [verbalisant 1] op vrijdag 16 augustus 2025 om 00.36 uur de telefoon in beslag van beslagene [slachtoffer 1] .
Hierna kon ik, [verbalisant 1], bij het andere slachtoffer. Deze persoon bleek te zijn:
[slachtoffer 2] geboren op [geboortedatum 7] 1997.
Ik zag dat deze persoon twee wonden had, ik zag een wond bij de linker borst en een wond in de elleboog. Ik zag dat dit ook vermoedelijk een schotwonden betrof.
Ik liep een rondje rondom de Volkswagen Golf. Ik zag het volgende:
- Op de het rechts voorportier, links boven het handsvat, zag ik een bloedveeg zitten;
- In het middenconsole zag ik een zwarte Apple iPhone liggen;
- Ik zag op de bijrijdersstoel aan de voorzijde een natte substantie zitten, waarvan ik vermoedde had dat het bloed was;
- Ik zag op de rechtsvoorzijde, tussen het rechter voorwiel en het bestuurdersportier, een aantal bloedspetters zitten;
- Ik zag op de bestuurdersstoel een aantal bloedvlekken zitten;
- Ik zag op de grond tussen de bestuurdersstoel en de voetpendalen een blauwe Samsung
smartphone liggen met daarop een druppel bloed;
- Ik zag dat de velgen van de rechter voor- en achterwielen beschadigd waren;
- Ik zag dat in de voorruit een aantal beschadigen zaten in de vorm van een rondje.
9.
Proces-verbaal van de politie [10]
Ik zag dat onder [slachtoffer 1] een toestel in beslag genomen was, te weten:
Merk/type: iPhone 16
Ik zag dat de datum en tijd van het toestel overeenkwamen met de daadwerkelijke datum en tijd. Ik zag dat de Apple ID van het toestel betrof: [e-mailadres 1].
CHATS SNAPCHAT
Ik zag dat er tussen de snapchat chats, een conversatie was tussen de gebruiker van het toestel:
[gebruiker 1]
en
[gebruiker 2]
Hieronder volgt de conversatie welke ik heb aangetroffen in het toestel. OPMERKING: UTC = +0, dus voor een weergaven van de daadwerkelijke tijd moeten hier twee uren bij opgeteld worden.
Timestamp-Time
From
To
Body
15-8-2025
20:48:15 (UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) – Read: 15-8-2025 20:48:24(UTC+0)
Tikkie 150
15-8-2025
20:48:18(UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025 20:48:24(UTC+0)
Ga niet raar doen
15-8-2025
20:.48:32UTC+0)
[gebruiker 1]
[gebruiker 2] - Read: 15-8-2025 20:48:33(UTC+0)
200 anders hoeft niet
15-8-2025
20:49:46(UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025 20:49:51(UTC+0)
Ikkom me fonna zo hLe
15-8-2025
20:49:55(UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025 20:49:56(UTC+0)
Stuur die tikkie van 150
15-8-2025
20:49:58(UTC+0)
[gebruiker 1]
[gebruiker 2] - Read: 15-8-2025
20:49:59(UTC+0)
200
15-8-2025
20: 50: 02(UTC+0)
[gebruiker 1]
[gebruiker 2] - Read: 15-8-2025
20:50:03(UTC+0)
Ik kom hem brengen
15-8-2025
20:52:35(UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025
20:53:08(UTC+0)
Bro 150
15-8-2025
21:24:31(UTC+0)
[gebruiker 1]
[gebruiker 2] - Read: 15-8-2025
21:25:19(UTC+0)
Ik ben hier
15-8-2025
21:24:31(UTC+0)
[gebruiker 1]
[gebruiker 2] - Read: 15-8-2025 21:25:19(UTC+0)
Wbj
15-8-2025
21:25:25(UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025
21:25:33(UTC+0)
Die ollo is toch klaar
15-8-2025
21:25:39(UTC+0)
[gebruiker 1]
[gebruiker 2] - Read: 15-8-2025
21:25:39(UTC+0)
Broer ga je me betalen ja of nee
15-8-2025
21:25:42(UTC+0)
[gebruiker 1]
[gebruiker 2] - Read: 15-8-2025
21:25:42(UTC+0)
Meer niet
15-8-2025
21:25:44(UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025 21:27:28(UTC+0)
150 ja
15-8-2025
22:07:38(UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025 22:09:16(UTC+0)
Denk maar ik mAk kk grappen met je
22:07:38(UTC+0)
15-8-2025
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025 22:09:16(UTC+0)
Kk jleine jonge
15-8-2025
22:09:20(UTC+0)
[gebruiker 1]
[gebruiker 2] - Read:. 15-8-2025
22:09:30(UTC+0)
Hahagaga
15-8-2025
22.09.23UTC+0)
[gebruiker 1]
[gebruiker 2] - Read: 15-8-2025
22:09:30(UTC+0)
We gaan zien
15-8-2025
22:09:33(UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025
22:09:54(UTC+0)
Sii
15-8-2025
22.09.37(UTC+0)
[gebruiker 2]
[gebruiker 1] (owner) - Read: 15-8-2025
22:09:54(UTC+0)
Je wil moeilijk doen
10.
Proces-verbaal van de politie [11]
Het is mij ambtshalve bekend dat de volgende woorden uit het gesprek in straattaal veelal de
volgende betekenis hebben:
Tikkie - Een applicatie om betaalverzoeken over te maken
Fonna - Telefoon
Persen - Oplichten, onder druk zetten
Wbj - Wat bedoel je
Ollo - Feest, een plaats waar een evenement plaatsvindt
Mogelijk wordt met feest (ollo) de Barbecue bedoeld die die avond georganiseerd was bij de SS-Rotterdam met daarna een 'afterparty' bij café Norge op de Tolhuislaan te Rotterdam.
11.
Proces-verbaal van de politie [12]
Op 19 augustus 2025 ben ik gevraagd om social media-onderzoek te doen naar de identiteit van Snapchatgebruiker ‘[gebruiker 2]’.
Ik zag dat het snapchatprofiel '[gebruiker 2]' Snapchat ID: [Snapchat ID] had. Ik zag dat deze snapchatgebruiker voorheen Snapchatgebruikersnaam [naam 6] had gebruikt.
Ik zocht in de politiesystemen naar het unieke Snapchat ID '[Snapchat ID]'. Dit ID was gekoppeld aan Snapchatgebruikersnaam [gebruiker 2] en zou niet moeten veranderen als je een gebruikersnaam veranderd. Ik zocht in de politiesystemen naar beide gebruikersnamen en zag dat [gebruiker 2] als contact was opgeslagen onder de naam [naam 5]. Ik zocht in de politiesystemen naar [naam 6] en zag dat het als contact was opgeslagen onder de namen [naam 5] en [verdachte].
Ik zocht in de politiesystemen naar de naam [verdachte] en zag dat er twee [namen] in de politiesystemen voorkwamen. Ik zag ene [verdachte] uit [plaatsnaam 2], geboren op [geboortedatum 1]-1998. Het viel mij op dat [verdachte] de woorden "[woord 1]" en "[woord 2]" in de volledige naam had zitten. Ook viel mij op dat de geboortedag en geboortemaand [geboortedatum 1] overeenkwam met de data die Snapchat had geleverd.
12.
Proces-verbaal van de politie [13]
Op 22 augustus 2025 om 15.00 uur, onderzocht ik de data uit de mobiele telefoon van die in het voertuig, een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 5] , was aangetroffen en inbeslaggenomen.
De mobiele telefoon was van het merk Samsung, model Galaxy A13. Deze telefoon heeft als goednummer [nummer 8]. Ik zag dat de mobiele telefoon het IMEI-nummer [IMEI-nummer] had. Het telefoonnummer dat aan de uitgelezen mobiele telefoon gekoppeld was betrof [telefoonnummer 1]. Dit genoemde telefoonnummer betrof ook het telefoonnummer dat in de politiesystemen gekoppeld was aan de hieronder genoemde persoon die binnen dit opsporingsonderzoek is aangemerkt als verdachte ter zake poging moord/doodslag: [verdachte] , geboren [geboortedatum 1] 1998 te [geboorteplaats 1].
Ik zag dat de telefoon gekoppeld was aan de hieronder genoemde useraccounts:
Snapchat: Name: [naam 7] | Username: [gebruiker 2] | User ID: [Snapchat ID]
Ik zag dat het hierboven getoonde Snapchat-account [gebruiker 2] gekoppeld was aan dit toestel. Dit Snapchat-account is ook bevraagd bij Snapchat en bleek gekoppeld aan verdachte [verdachte].
Op diverse afbeeldingen in het door mij onderzochte toestel zag ik dat een persoon vaker voorkwam. Ik heb de persoon die ik diverse malen op afbeeldingen zag in de data van de telefoon vergeleken met de voor mij beschikbare rijbewijsfoto (2024) van verdachte [verdachte] van het Rijksdienst Wegverkeer.
Ik zag dat verdachte [verdachte] diverse uiterlijke gelijkenissen zoals zijn, gelaat, vorm van het gezicht, stand van de wenkbrauwen, huidskleur en haardracht had met de persoon die ik op diverse afbeeldingen zag in de data van het inbeslaggenomen mobiele toestel. Gezien de bovenstaande redenen is het zeer aannemelijk dat het toestel in gebruik was bij verdachte [verdachte] , geboren [geboortedatum 1] 1998 te Rotterdam.
Ik zag dat er in de data diverse locaties inzichtelijk waren bij de Device Locations van het toestel. Ik zag dat de locatie op de Titaniumstraat te Schiedam, alwaar verdachte [verdachte] bij de gemeentelijke basisadministratie ingeschreven staat, in totaal achtmaal bij de Device Locations stond. Ik zag dat bij de Device Locations de Voornsestraat in Schiedam werd weergegeven. Ik heb vervolgens geraadpleegd in de politiesystemen of [achternaam] eerder geregistreerd was nabij deze locatie in Schiedam. Ik heb de zoekterm: "[achternaam]" en "Voornsestraat Schiedam" gebruikt. Ik kreeg hier direct de registratie [proces-verbaalnummer 1] uit het politiesysteem waarin de zus genaamd, [naam 3], geboren [geboortedatum 4] 2000 (24) te [geboorteplaats 1], geregistreerd was. Dit betrof een aangifte van diefstal uit een personen voertuig die gedaan was op 10 mei 2025. De aangeefster, [aangeefster], geboren [geboortedatum 8] 2001 te [geboorteplaats 2], deed mede namens [naam 3] aangifte van dit strafbare feit. Mij viel direct het volgende op in de verklaring die was opgenomen van [naam 8]:
"Auto stond geparkeerd in Amsterdam oost, bij de George Marina (restaurant) naast het NNgebouw. Mijn schoonzusje en ik zijn gaan eten, bij terugkomst stond haar raam wagenwijd open."
Door het expliciet benoemen van de familieband met de woorden: "Mijn schoonzusje en ik" kreeg ik sterk het vermoeden dat [naam 8] mogelijk de vriendin betrof van verdachte [verdachte].
Daarbij viel het mij ook op dat [naam 8] woonachtig is op de [adres 8], dit betreft ook de locatie die hierboven is weergegeven in data van het toestel bij één van de Device Locations. Er stond ter observatie een camera gesteld op de woning van de verdachte aan de [adres 6]. Dit betreft ook het adres waar de zus [naam 3] ingeschreven staat. Ik zag op de camerabeelden dat op 22 augustus 2025 om 08.57 uur een vrouw de woning verliet. Ik heb de vrouw welke ik op de camerabeelden zag vergeleken met de voor mij beschikbare rijbewijsfoto van het Rijksdienst Wegverkeer (2025) van [naam 8]. Ik zag dat [naam 8] diverse uiterlijke gelijkenissen had met de vrouw die de woning verliet aan de [adres 6]. Met deze uiterlijke gelijkenissen bedoel ik: de vorm van het gezicht, puntige stand van de wenkbrauwen, inhammen aan de voorzijde van de haargrens, huidskleur en de haardracht. Door deze overeenkomsten is het zeer aannemelijk dat [naam 8] bij de woning was van verdachte [verdachte].
13.
Proces-verbaal van de politie [14]
Op 25 augustus 2025 deed ik onderzoek naar een telefoon die aangetroffen werd in de witte Volkswagen Golf voorzien van het kenteken [kenteken 5].
Merk/type: Samsung A13
Telefoonnummer: [telefoonnummer 1]
Goednummer telefoon: [nummer 9]
Sociaal media:
Snapchat: [gebruiker 2]
Snapchatgesprek met '[gebruiker 3] en '[gebruiker 2]:
Ik zag dat '[gebruiker 2]' en '[gebruiker 3]' een gesprek hadden via Snapchat vanaf 15 augustus 2025 tussen 20.03 uur en 16 augustus 2026 om 00.14 uur. Wat mij opviel is dat '[gebruiker 3]' '[gebruiker 2]' voor de schietpartij waarschuwt niet te komen en dat hij net na de schietpartij hem waarschuwt weg te gaan.
Afzender
Inhoud
Datum en tijd
[gebruiker 3]
Blijf osso
15-08-2025 23:12:07(UTC+2)
[gebruiker 2]
Hy is daar
15-08-2025 23:26:12(UTC+2)
[gebruiker 3]
Ze zijn al loesoe
15-8-2025 23:40:12(UTC+2)
[gebruiker 3]
Ga weg aub
16-8-2025 00:04:26(UTC+2)
[gebruiker 2]
Ja
16-8-2025 00:06:46(UTC+2)
[gebruiker 3]
Oke snap me als je thuis bent
16-8-2025 00:07:20(UTC+2)
[gebruiker 2]
Ga niwt naar osso
16-8-2025 00:10:52(UTC+2)
[gebruiker 3]
Kk veel scoroe
16-8-2025 00:11:42(UTC+2)
[gebruiker 3]
Ga loesoe
16-8-2025 00:11:46(UTC+2)
[gebruiker 2]
Ja
16-8-2025 00:14:10(UTC+2)
[gebruiker 2]
Blok me
16-8-2025 00:14:16(UTC+2)
[gebruiker 3]
Ja
16-8-2025 00:14:19(UTC+2)
[gebruiker 3]
Doe voorzichtig aub
16-8-2025 00:14:25(UTC+2)
Snapchatgesprek tussen '[gebruiker 2]' en '[gebruiker 4]':
Ik zag een Snapchatgesprek tussen '[gebruiker 2]' en '[gebruiker 4]' met Snapchatnaam '[gebruiker 4]' in de telefoon staan. Ik zag dat [gebruiker 4]' de volgende tekst naar '[gebruiker 2]' stuurde op 16 augustus 2025 om 01.07 uur: 'Ben je boeng'. Dit betekent: 'Ben je oke/ben je goed?'. Dit was ruim een uur na de schietpartij.
Snapchatgesprek tussen '[gebruiker 2]' en '[naam 9]':
Verder zag ik een Snapchatgesprek tussen '[gebruiker 2]' en '[naam 9]' met Snapchatnaam '[gebruiker 5]'.
Ik zag dat '[naam 9]' volgende tekst naar '[gebruiker 2]' stuurde op 16 augustus 2025 om 00.29 uur: “Oké?” Dit was ongeveer een half uur na de schietpartij.
Snapchatgesprek tussen '[gebruiker 2]' en '[gebruiker 6]'
Ik las in het proces-verbaal onder registratienummer [registratienummer] een Snapchatgesprek tussen [gebruiker 2] ([verdachte]) en het slachtoffer (tevens bijrijder van de witte Volkswagen Golf met het kenteken: [kenteken 5]:
----[slachtoffer 1] , hierna te noemen [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 1] 1998 te [geboorteplaats 1]---- lk las in dit proces-verbaal dat de Snapchatnaam van [slachtoffer 1] als volgt was: [gebruiker 1] ([gebruiker 6]).
OPMERKING: de tijden op de screenshot worden weergegeven in UTC = +0, dus voor een weergave van de daadwerkelijke tijd moeten hier twee uren bij opgeteld worden.
Ik zag dat dit Snapchatgesprek ook te vinden was in de telefoon die ik onderzocht die te linken is aan [verdachte].
Tevens zag ik dat er op 6 augustus 2025 om 17:36 uur een video werd verstuurd vanaf '[gebruiker 6]' ( [slachtoffer 1] ) naar '[gebruiker 2]' ([verdachte]). Ik opende de video en ik zag dat er gefilmd werd vanuit een voertuig van achter het stuur. Ik herkende de locatie als de kruising Pretorialaan met de Paul Krugerstraat te Rotterdam. Ik zag dat de filmer een motorfiets filmde en daarop inzoomde. Ik zag dat de motorfiets richting de Maashaven Oostzijde reed. Ik zag er één persoon op de motorfiets zat. Ik zag dat de motorfiets een geel Nederlands kenteken had voorzien van de combinatie [kenteken 7]. Ik bevroeg dit kenteken in het politiesysteem en ik zag dat de kentekenhouder als volgt was:
----[verdachte], geboren op [geboortedatum 1] 1998 te [geboorteplaats 1]----
lk hoorde dat er een mannenstem te horen was die de volgende tekst uitsprak: "Ik kon je allang door je kankerhoofd schieten, lul."
Snapchatgesprek met '[gebruiker 3] en '[gebruiker 2]:
Verder zag ik een Snapchatgesprek tussen '[gebruiker 2]' en '[naam 10]" met Snapchatnaam ‘[gebruiker 3]'. Ik zag dat '[gebruiker 2]' een foto naar '[naam 10]' stuurde op 15 augustus 2025 om 19.26 uur. Ik herken deze persoon als [verdachte]. Ik zag namelijk dat zijn huidskleur, lippen, neus en baardgroei overeenkwamen met de SKDB foto in het politiesysteem van [verdachte]. Het is dus zeer aannemelijk dat '[gebruiker 2]' [verdachte] betreft.
14.
Proces-verbaal van de politie [15]
Op 23 augustus 2025 deed ik onderzoek naar een telefoon die aangetroffen werd in de
witte Volkswagen Golf voorzien van het kenteken [kenteken 5].
Merk/type : Samsung A13
Telefoonnummer: [telefoonnummer 1]
Sociaal media:
Snapchat: [gebruiker 2]
Ik zag dat '[gebruiker 2]' op 14 augustus 2025 om 14.53 uur via Snapchat een gesprek had met '[naam 11]' met snapchatnaam: '[gebruiker 7]'. Ik zag dat '[gebruiker 2]' twee filmpjes van een vuurwapen gelijkend voorwerp naar '[naam 11]' stuurt. Ik zag dat er een zwart vuurwapen gelijkend voorwerp op een grijs dekbed lag. Ik zag dat een licht getinte hand het vuurwapen omdraaide en de loop van het vuurwapen gelijkend voorwerp naar de camera richtte zodat de binnenzijde van de loop zichtbaar werd.
Ik vond de volgende foto in de telefoon. Ik zag dat 'ik' via Snapchat een gesprek had met '[naam 12]'. Ik zag dat er een foto werd gedeeld van een automatisch vuurwapen wat mij ambtshalve bekend is als een AK47/Kalashnikov.
Ik zag dat er een twee screenshots in de telefoon stonden waar een gesprek te lezen was met ene '[naam 13]'. Ik las dat dit gesprek over het aankopen van een vuurwapen en kogelwerend vest ging.
Verder zag ik dat er meerdere foto's van een zwart automatisch vuurwapen gelijkend voorwerp op de telefoon van [verdachte] stonden. Wat mij opviel is dat dit automatisch vuurwapen gelijkend voorwerp niet voorzien was van een kolf. Ambtshalve herken ik dit automatische vuurwapen gelijkend voorwerp als een AK47/Kalasnikov. Ik zag dat aan de vorm en de contouren. Verder zag ik dat er ook een foto van een zwart automatisch vuurwapen gelijkend voorwerp op de telefoon van [verdachte] stond. Dit wapen had een slede welke gedeeltelijk bruin was. Wat mij opviel is dat dit automatisch vuurwapen gelijkend voorwerp niet voorzien was van een kolf. Ambtshalve herken ik dit automatische vuurwapen gelijkend voorwerp als een AK47/Kalashnikov. Ik zag dat aan de vorm en de contouren.
Ik zag deze foto op de telefoon staan. Ik zag dat een manspersoon een automatisch vuurwapen gelijkend voorwerp vast hield met zijn rechterhand. De manspersoon had een zwarte handschoen om zijn rechterhand. Ik zag dat de manspersoon heeft veel overeenkomsten met [verdachte] had. Dit om zijn huidskleur, lichaamstype en zijn tattoos op zijn rechterarm.
Verder zag ik meerdere foto's van een manspersoon die verschillende soorten (automatische) vuurwapens gelijkende voorwerpen vast had. Ik bekeek de SKDB foto van [verdachte] in het politiesysteem. Ik herkende de manspersoon op foto's 24 tot en met 31 als zijnde [verdachte]. Ik kan dit met volle zekerheid zeggen omdat ik hem herkende aan zijn huidskleur, lippen, neus, haardracht en baardgroei.
15.
Proces-verbaal van de politie [16]
Op 2 december 2025 ben ik door [verbalisant 2] gevraagd of het mogelijk is om op twee telefoons met hetzelfde Snapchat account ingelogd te zijn. Ik wist ambtshalve dat je op twee telefoons tegelijkertijd kon inloggen op Snapchat. Voor de zekerheid heb ik dit nogmaals getest door in te loggen op hetzelfde Snapchataccount met twee verschillende telefoons en te kijken of de communicatie van de ene telefoon, zichtbaar werd op de andere telefoon.
Ik was ingelogd op telefoon #1 met een Snapchataccount dat wij gebruiken bij vermissingen van minderjarigen. Vervolgens ben ik gaan inloggen op telefoon #2 met hetzelfde Snapchataccount dat wij gebruiken voor vermissingen van minderjarigen. Ik zag dat ik een beveiligingsmelding ontving op telefoon #1 en na goedkeuring hiervan kon ik verder inloggen. Ik zag vervolgens dat ik op beide telefoons het Snapchataccount kon gebruiken.
Ik heb vervolgens met telefoon #1 een Snapchatbericht naar een ander Snapchataccount verzonden dat ik gebruik voor internetonderzoek. Ik zag dit bericht ook verschijnen op telefoon #2, nadat ik het scherm met privéberichten enkele seconden later ververste. Ik kon de communicatie van telefoon #1 met een ander Snapchataccount, dus lezen op telefoon #2. Beide telefoons waren ingelogd op hetzelfde Snapchataccount.
16.
Proces-verbaal van de politie [17]
Op 14 september 2025, omstreeks 20:00 uur, werd de [verdachte] op
verzoek van de Nederlandse autoriteiten, en op grond van een Europees Arrestatiebevel (EAB), aangehouden in Frankrijk. Tijdens zijn aanhouding was de verdachte in het bezit van een telefoon van het merk en type Samsung S20 +5G. De telefoon werd door de Franse autoriteiten beschikbaar gesteld aan het Nederlandse onderzoeksteam. In Nederland werd de telefoon inbeslaggenomen en geregistreerd met goednummer [nummer 10].
In de telefoon waren meerdere gebruikersgegevens geregistreerd:
Detected model: Galaxy S20+ 5G
Mobile: [telefoonnummer 2]
Google: [e-mailadres 2]
Hotmail: [e-mailadres 3]
In de telefoon werden meerdere afbeeldingen aangetroffen waarop de verdachte zelf zichtbaar was in de zogenaamde selfiestand. De verdachte was tijdens zijn aanhouding in het bezit van deze telefoon. Er zijn geen gebruikersgegevens aangetroffen die een andere gebruiker vermoeden anders dan de verdachte.
In de mediabestanden werden meerdere afbeeldingen aangetroffen waarop de verdachte zichtbaar was. Op de afbeeldingen waren ook teksten leesbaar. De afbeeldingen lijken afkomstig uit een gesprek waarin enkel de berichten van de verdachte leesbaar zijn. Elke afbeelding is voorzien van de datum en tijd.
In onderstaand overzicht wordt de vermoedelijke betekenis omschreven van de door de verdachte gebruiker woorden en zinnen die mogelijk lastig te duiden zijn. De gebruikte woorden en combinaties daarvan heb ik in meerdere onderzoeken gezien.
'Ja want ze spraken over my blazen'
Vermoedelijk wordt hier bedoeld: Ze spraken erover dat ze hem zouden schieten (blazen).
'Gwn tot blauw niet op me is ff afwachte'
Vermoedelijk wordt hier bedoeld: Even afwachten tot de politie mij niet meer zoekt.
'Niet denken je kam me persen voor250'
Vermoedelijk wordt hier bedoeld: Je moet niet denken dat jij mij kunt afpersen voor 250.
'Wil alleen geen 10+ jaar naar jari'
Vermoedelijk wordt hier bedoeld: Ik wil alleen geen 10 jaar (
of meer) naar de gevangenis.
17.
Deskundigenverslag [18]
Resultaat/conclusie
1. De resultaten van het indicatief onderzoek worden verwacht wanneer de veertien hulzen [[nummerreeks ]] zijn verschoten met één vuurwapen.
2. De afvuursporen in de veertien hulzen [[nummerreeks ]] worden verwacht wanneer deze zijn verschoten met een (semi-) automatisch werkend aanvalsgeweer van het type AK-47 (Kalasjnikov), kaliber 7,62x39mm, of een wapen dat daarvan is afgeleid. De afvuursporen in het kogelmanteldeel [[nummer 11]] passen eveneens bij dit type vuurwapens.
18.
Proces-verbaal van de politie [19]
De schootsrichting die de man vuurt komt overeen met het aantreffen van de diverse schotbeschadigingen en het aantreffen van de hulzen. Gezien het aantal aangetroffen afgevuurde patroonhulzen is er minimaal dertien keer geschoten.
19.
Proces-verbaal van de politie [20]
Wij, verbalisanten, werden verzocht om vervolgonderzoek te verrichten aan het voertuig, merk VOLSWAGEN GOLF GTI, kenteken [kenteken 5] .
Gelet op de aangetroffen schotbeschadigingen aan en in het onderzochte voertuig kan worden geconcludeerd, dat er minimaal acht (8) schoten op dit voertuig zijn afgevuurd met minimaal één vuurwapen. Gelet op de beschadigde ruit van het linker achterportier, de doorschotbeschadiging in het dashboard en de uiterlijke kenmerken van uitschotbeschadiging in de voorruit, kan dit passen bij een schotbaan inkomend door de ruit van de linker achterportier en uitgaand via de voorruit. Gelet op de gereconstrueerde (mogelijke) schotbanen en waar aanwezig de uiterlijke kenmerken zoals "Pinch point" en "Lead-in", kunnen wij concluderen dat vanaf de linkerkant op dit voertuig geschoten was, onder diverse invalshoeken, allen van achteren naar voren van dit voertuig. De schotbeschadigingen in dit voertuig zijn geconcentreerd rondom de linker voorstoel, passend bij het afvuren van schoten in de richting van deze stoel, mogelijk om de persoon die zich in deze stoel bevond te raken met de afgevuurde
projectielen. Gelet op de aangetroffen kern van lood of staal in de rugleuning van de linker voorstoel, is het aannemelijk dat minimaal één keer een aanvalsgeweer munitie is afgevuurd uit mogelijk een vuurwapen van het kaliber 7,62 millimeter.
3.3.2.
Bewijsmotivering
De rechtbank stelt op grond van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting ten aanzien van het onder 1 impliciet subsidiair ten laste gelegde feit de volgende feiten en omstandigheden vast.
In de nacht van 16 augustus 2025 bevindt zich rond 00:00 uur een aantal personen op de Rechthuislaan nadat een feestje in de buurt is afgelopen. Uit de camerabeelden in het dossier blijkt dat een Chevrolet Kalos aan de Rechthuislaan parkeert en de bestuurder en passagiers uit de auto stappen. De bijrijder is in het zwart gekleed en heeft een capuchon over zijn hoofd. Even later rijdt een witte Volkswagen Golf de Rechthuislaan op en deze komt stil te staan achter de Chevrolet Kalos. De in het zwart geklede persoon maakt een praatje met de inzittenden van de Volkswagen Golf en loopt terug naar de Chevrolet Kalos. Op dat moment stapt de bijrijder – het [slachtoffer 1] – uit de Volkswagen Golf en vlucht weg achter de geparkeerde auto’s. De zwartgeklede persoon komt terug van de Chevrolet Kalos, richt een vuurwapen in de richting van het [slachtoffer 1] en begint te schieten. Bij het schieten zijn meerdere lichtflitsen en rookpluimen zichtbaar. Op het moment dat [slachtoffer 1] achter de geparkeerde auto’s wegduikt en de zwartgeklede persoon aan het schieten is, is zichtbaar dat er stofwolken uit de gevel naast [slachtoffer 1] vliegen, vermoedelijk door de inslag van de kogels. [slachtoffer 1] komt ten val, maar rent daarna hard weg. De Volkswagen Golf probeert weg te rijden, terwijl de zwartgeklede persoon zijn wapen op de auto richt en meerdere malen in de richting van de auto schiet. De zwartgeklede persoon rent nog kort achter de wegrijdende Volkswagen Golf aan. Daarna is op de beelden waar te nemen dat hij vanaf de Rechthuislaan, over de Walhallalaan, door het Frijapad, rechtsaf de Maashavenkade oploopt. Daar stapt deze persoon in een klein grijs voertuig – dat hij daar ongeveer een half uur vóór het schietincident had geparkeerd – en rijdt vervolgens weg.
Uit onderzoek is gebleken dat dit grijze voertuig een Hyundai Getz met kenteken [kenteken 6] betreft. Dit voertuig staat op naam van de moeder van de verdachte en in de politiesystemen is een registratie van dit voertuig opgenomen van 1 augustus 2025, waarbij de betrokken persoon de verdachte betreft.
De auto van de slachtoffers – de Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 5] – wordt door verbalisanten aangetroffen bij het Ikazia ziekenhuis te Rotterdam. Daar zijn direct diverse kogelinslagen in het voertuig zichtbaar. De auto is flink beschadigd. Daarnaast wordt er bloed aangetroffen. Verbalisanten treffen in het ziekenhuis de twee slachtoffers aan: [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] . Bij [slachtoffer 1] wordt een vermoedelijke schotwond in zijn rechter bovenarm waargenomen en bij [slachtoffer 2] vermoedelijke schotwonden bij de linkerborst en in de elleboog. Gezien hoe de auto bij het ziekenhuis is aangetroffen, houdt de rechtbank het ervoor dat het om schotwonden gaat.
De telefoon van [slachtoffer 1] – een iPhone 16 – wordt in het ziekenhuis in beslag genomen. Uit onderzoek aan die telefoon blijkt dat op 15 augustus 2025 vanaf 22:48 uur een Snapchatgesprek heeft plaatsgevonden tussen de accounts ‘[gebruiker 1] – de gebruiker van het toestel en dus [slachtoffer 1] – en ‘[gebruiker 2]’. Uit dat gesprek is af te leiden dat [gebruiker 1] 200 euro wil hebben van [gebruiker 2] en dat [gebruiker 2] bereid is om 150 euro te betalen. Verder blijkt uit het gesprek dat [gebruiker 2] zijn telefoon wil komen halen en [gebruiker 1] zegt dat hij deze komt brengen. Volgens [gebruiker 2] wil [gebruiker 1] hem afpersen door 200 euro te vragen. Kort na het schietincident – om 00:07 uur – stuurt [gebruiker 2] de volgende berichten naar [gebruiker 1] “denk maar ik maak grappen met je” en “kleine jongen”. Uit onderzoek naar het Snapchataccount [gebruiker 2] is gebleken dat in de politiesystemen het account was opgeslagen als contact onder de naam [naam 5]. Ook is gebleken dat de gebruiker van dat account voorheen de Snapchatgebruikersnaam [naam 6] had gebruikt en dat dat account was opgeslagen als contact onder de namen [naam 5] en [verdachte]. Na een zoekslag in de politiesystemen komt vervolgens de naam van de verdachte naar voren.
In de Volkswagen Golf van de slachtoffers worden diverse telefoons aangetroffen, waaronder een Samsung Galaxy A13. Het telefoonnummer dat was gekoppeld aan deze telefoon betreft ook het telefoonnummer dat in de politiesystemen was gekoppeld aan de verdachte. Verder was de telefoon onder andere gekoppeld aan het useraccount [gebruiker 2] op Snapchat. In het toestel zijn diverse foto’s aangetroffen, waarop de verdachte zichtbaar is – op sommige daarvan heeft hij voorwerpen die op vuurwapens lijken in de hand. Uit onderzoek naar de data in de telefoon worden diverse bezochte locaties zichtbaar, waaronder achtmaal [adres 6] – waar de verdachte staat ingeschreven – en de Voornsestraat in Schiedam – waar de vriendin van de verdachte woonachtig is. Dat niet blijkt hoeveel bezochte locaties er in de telefoon staan, doet aan het voorgaande niet af. Verder wordt in de telefoon ook het eerdergenoemde, op de avond van 15 augustus 2025 gevoerde Snapchatgesprek aangetroffen dat eveneens in de telefoon van het [slachtoffer 1] is gevonden. Op de telefoon staat ook nog een video die daarvóór – op 6 augustus 2025 – is gestuurd vanaf het toestel van het [slachtoffer 1] naar het account [gebruiker 2]. In die video is een motorfiets zichtbaar, waarop één persoon zit. De kentekenhouder van de motorfiets betreft volgens het politiesysteem de verdachte. In de video was een mannenstem te horen die zei: “Ik kon je allang door je hoofd schieten, lul”. Daarnaast zijn in de Samsung Galaxy A13 Snapchatgesprekken aangetroffen met andere accounts. In één daarvan waarschuwt een ander – [gebruiker 3] – op 15 augustus 2025 om 23:15 uur – en dus drie kwartier voor het schietincident – [gebruiker 2] om niet te komen en hij waarschuwt hem vervolgens om 00:04 uur – enkele minuten na het schietincident – om weg te gaan. De gebruikers van twee andere Snapchataccounts vragen kort na het schietincident aan [gebruiker 2] of hij wel oké is. Uit het Snapchatgesprek met [gebruiker 3] blijkt ook dat [gebruiker 2] op 15 augustus 2025 om 19:26 uur – een aantal uren voor het schietincident – een foto naar [gebruiker 3] stuurt. Op deze foto is de verdachte zichtbaar.
De raadsman heeft bepleit dat niet kan worden vastgesteld dat de verdachte rondom het tijdstip van het schietincident de gebruiker is geweest van het Snapchataccount [gebruiker 2]. De raadsman heeft hiertoe aangevoerd dat uit onderzoek is gebleken dat er in ieder geval op minstens twee verschillende telefoons tegelijk kan worden ingelogd op hetzelfde Snapchataccount, waarbij dezelfde communicatie zichtbaar is. Uit het dossier blijkt niet op welk toestel het Snapchataccount is gebruikt rondom het schietincident en evenmin dat de verdachte het account heeft gebruikt.
De rechtbank verwerpt het verweer. Uit de bewijsmiddelen volgt dat via Snapchat een gesprek is gevoerd met het [slachtoffer 1] , waarbij het kennelijk gaat om de teruggave van een telefoon van de verdachte waarvoor moet worden betaald. De telefoon waarmee dit Snapchatgesprek wordt gevoerd kan volgens het eerder aangehaalde onderzoek een ander toestel zijn dan de Samsung Galaxy A13 van verdachte die [slachtoffer 1] in bezit had, nu uit onderzoek blijkt dat er met twee verschillende telefoons kan worden ingelogd op hetzelfde Snapchataccount. Uit onderzoek naar het Snapchataccount blijkt dat het in de politiesystemen was opgeslagen als contact onder de naam [naam 5] en dat de eerdere gebruikersnaam was opgeslagen als contact onder de namen [naam 5] en [verdachte]. Op 6 augustus 2025 – een aantal dagen voor het schietincident – is een video vanuit het [slachtoffer 1] naar de gebruiker [gebruiker 2] gestuurd, waarop te horen is dat wordt gezegd “Ik kon je allang door je hoofd schieten, lul”. Bij de aanhouding van de verdachte in Frankrijk is een Samsung S20 +5G in beslag genomen, waarop meerdere afbeeldingen van de verdachte met teksten zichtbaar zijn. Eén van die teksten bij een afbeelding van de verdachte luidt: “Ja, want ze spraken over mij blazen”, waarmee volgens de politie wordt bedoeld dat ze hem zouden schieten. Dat komt overeen met de eerder naar [gebruiker 2] gestuurde tekst in de video. Daarnaast is in de avond van 15 augustus 2025 – een paar uur voor het schietincident – via Snapchat vanaf het account [gebruiker 2] nog een selfie van de verdachte gestuurd naar het account van [gebruiker 3]. De rechtbank is van oordeel dat derhalve vast is komen te staan dat de verdachte – ook rondom het tijdstip van het schietincident – de gebruiker is geweest van het Snapchataccount [gebruiker 2].
Uit het Snapchatgesprek tussen het [slachtoffer 1] en [gebruiker 2] – waarvan de rechtbank zojuist heeft vastgesteld dat de gebruiker van dit account de verdachte is geweest – blijkt dat de verdachte op 15 augustus 2025 om 22:49 uur een bericht stuurt dat hij zijn telefoon zo komt halen. [slachtoffer 1] stuurt één minuut later terug dat hij de telefoon komt brengen. Om 23:24 uur stuurt [slachtoffer 1] “ik ben hier” en een paar minuten na het schietincident stuurt de verdachte vervolgens naar [slachtoffer 1] “denk maar ik maak grappen met je” en “kleine jongen”. Diezelfde avond heeft de verdachte een Snapchatgesprek met ene [gebruiker 3], waarin [gebruiker 3] hem waarschuwt om niet te komen en kort na het schietincident waarschuwt [gebruiker 3] de verdachte om weg te gaan. Daarbij krijgt de verdachte ruim een uur na het schietincident ook van twee anderen via Snapchat de vraag of hij wel oké is. Op de Samsung S20 +5G van de verdachte – die bij zijn aanhouding in Frankrijk in beslag is genomen – worden ook afbeeldingen van de verdachte met de volgende teksten daarbij aangetroffen: “Gewoon tot blauw niet op me is ff afwachten”, “Niet denken je kan me persen voor 250” en “Wil alleen geen 10+ jaar naar jari”, waarmee volgens de politie wordt bedoeld dat hij even afwacht totdat de politie hem niet meer zoekt, dat men niet moet denken dat ze hem kunnen afpersen voor 250 euro en dat hij niet tien jaar of langer naar de gevangenis wil.
Verder heeft de raadsman bepleit dat uit het dossier niet volgt dat de verdachte in de nacht van 15 op 16 augustus 2025 gebruik heeft gemaakt van de auto van zijn moeder.
Uit de bewijsmiddelen volgt dat de schutter in de buurt van de plaats delict is gekomen met een Hyundai Getz met kenteken [kenteken 6], vervolgens als bijrijder is ingestapt in de Chevrolet Kalos waarmee hij naar de plaats delict is gebracht en na het schietincident is gevlucht met de Hyundai Getz. Uit de camerabeelden blijkt namelijk dat alleen de schutter gebruik heeft gemaakt van laatstgenoemd voertuig binnen die tijdspanne. Het voertuig staat op naam van de moeder van de verdachte en twee weken vóór het schietincident is de verdachte gesignaleerd in deze auto. Er zijn geen aanwijzingen dat een of meer andere personen gebruik maakten van de auto.
Alle hiervoor genoemde gegevens, gesprekken en afbeeldingen ondersteunen elkaar onderling en worden door de overige bewijsmiddelen ondersteund. Naar het oordeel van de rechtbank kan op grond daarvan worden vastgesteld dat de verdachte de schutter is geweest. De voornoemde chatgesprekken en teksten van kort vóór, kort na en een maand na het schietincident worden ondersteund door het feit dat de auto van de moeder van de verdachte is gebruikt door de schutter om in de buurt van de plaats delict te komen en vervolgens te vluchten.
De rechtbank leidt uit al het vorenstaande af dat de verdachte een conflict had met de slachtoffers over zijn telefoon – die de slachtoffers in hun bezit hadden – en dat hij verhaal wilde halen bij de slachtoffers. Nadat hij de slachtoffers kort had gesproken terwijl zij in de Volkswagen Golf zaten, heeft de verdachte een vuurwapen gepakt uit de auto waarmee hij naar de Rechthuislaan was gekomen. Daarmee heeft hij eerst een aantal keer gericht geschoten op de bijrijder – het [slachtoffer 1] – die inmiddels uit de auto was gevlucht en vervolgens gericht geschoten op de bestuurder van de Volkswagen Golf – het slachtoffer [slachtoffer 2] .
De rechtbank acht daarom – anders dan de verdediging bepleit – bewezen dat de verdachte op zijn minst voorwaardelijk opzet heeft gehad op de dood van zowel [slachtoffer 1] als [slachtoffer 2] . Vastgesteld kan worden dat de verdachte op korte afstand meerdere malen heeft geschoten in de richting van beiden, als gevolg waarvan zij allebei zijn geraakt. Door aldus te handelen heeft de verdachte naar uiterlijke verschijningsvorm ten aanzien van
beideslachtoffers bewust de aanmerkelijke kans op een dodelijke afloop aanvaard.
De poging tot doodslag ten aanzien van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] is daarmee wettig en overtuigend bewezen.
3.3.3.
Volledige bewezenverklaring
Bewezen is dat:
Feit 1 impliciet subsidiair
hij op 16 augustus 2025 te Rotterdam ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk anderen, te weten [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , van het leven te beroven,
- een vuurwapen heeft gericht op die [slachtoffer 1] en die [slachtoffer 2] en op de personenauto waarin die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] zich bevonden en
- met een vuurwapen een of meer kogels heeft afgevuurd in de richting van die [slachtoffer 1] en die [slachtoffer 2] en de personenauto waarin die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] zich bevonden, waarbij een of meer kogels die personenauto zijn binnengedrongen en waarbij die [slachtoffer 2] en die [slachtoffer 1] gewond zijn geraakt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
3.3.4.
Vrijspraak feit 1 impliciet primair en feit 2
De onder feit 1 impliciet primair ten laste gelegde poging tot moord is niet wettig en overtuigend bewezen. De verdachte wordt daarvan dus vrijgesproken. De officier van justitie en de verdediging zijn tot dezelfde conclusie gekomen, zodat de rechtbank dit niet verder zal motiveren.
Feit 2 waarvan de verdachte wordt beschuldigd is niet wettig en overtuigend bewezen, omdat niet kan worden vastgesteld of het wapen waarmee is geschoten een automatisch vuurwapen is in de zin van categorie II onder 2 van de Wet wapens en munitie, zoals ten laste is gelegd. Het wapen is niet aangetroffen en kon dus niet worden onderzocht. Uit het NFI-rapport betreffende het munitieonderzoek blijkt dat het wapen waarmee vermoedelijk is geschoten ook semiautomatisch kan werken. Dat maakt dat naar het oordeel van de rechtbank niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte op 16 augustus 2025 een automatisch vuurwapen voorhanden heeft gehad. De verdachte wordt daarvan dus vrijgesproken.

4.Kwalificatie en strafbaarheid

4.1.
Kwalificatie
Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:
Poging tot doodslag, meermalen gepleegd.
4.2.
Strafbaarheid van het feit en van de verdachte
Het feit en de verdachte zijn strafbaar.

5.Straf

5.1.
Eis van de officier van justitie
De verdachte moet voor de feiten 1 impliciet subsidiair en 2 worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van negen jaren met aftrek van voorarrest.
5.2.
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft verzocht om bij een bewezenverklaring voor de feiten 1 impliciet subsidiair en 2 een gevangenisstraf op te leggen van drie of vier jaren met een voorwaardelijk deel waaraan voorwaarden worden gekoppeld.
5.3.
Oordeel van de rechtbank
5.3.1.
Ernst en omstandigheden van het feit
De verdachte heeft geprobeerd om beide slachtoffers van het leven te beroven. Na een conflictsituatie tussen de verdachte en de slachtoffers heeft hij een doorgeladen vuurwapen gepakt en is daarmee naar de auto gelopen waarin de slachtoffers zich bevonden. De verdachte heeft vervolgens van dichtbij meerdere kogels op de slachtoffers afgevuurd. Beiden zijn daardoor geraakt en hebben wonden opgelopen. De kogels hadden ook het hoofd of andere (vitale) delen van het lichaam van de slachtoffers kunnen raken, waardoor zij het leven hadden kunnen verliezen. De verdachte heeft op zeer grove wijze inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van de slachtoffers. Dit rekent de rechtbank de verdachte zwaar aan. Naar de ervaring leert kunnen slachtoffers en getuigen van dergelijke geweldsmisdrijven hiervan ernstige en langdurige psychische gevolgen ondervinden.
De rechtbank neemt daarbij in overweging dat het schietincident op de openbare weg heeft plaatsgevonden, wat ernstige gevoelens van onrust en onveiligheid in de samenleving teweegbrengt. Dit geldt voor de samenleving in het algemeen en in het bijzonder (ook) voor de personen in de nabijheid van de slachtoffers en de bewoners uit de woonwijk waar het schietincident heeft plaatsgevonden. Uit het dossier blijkt ook dat er een aanzienlijk aantal personen in de nabije omgeving op straat was op het moment dat het schietincident heeft plaatsgevonden. De verdachte heeft op de koop toegenomen dat er ook andere – niet bij het conflict betrokken – personen geraakt hadden kunnen worden door de kogels van de verdachte. Het is slechts een gelukkig toeval dat de slachtoffers niet dodelijk zijn getroffen en dat ook verder niemand van de op dat moment op straat aanwezige personen door de door de verdachte afgevuurde kogels is geraakt.
5.3.2.
Persoon en persoonlijke omstandigheden
Strafblad
Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 21 december 2025 blijkt dat de verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.
Het strafblad van de verdachte leidt dus niet tot een hogere straf.
5.3.3.
Oplegging straf
De rechtbank is van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van drie of vier jaren met een voorwaardelijk deel – zoals bepleit door de verdediging – geen recht doet aan de aard en de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan. Naar het oordeel van de rechtbank rechtvaardigen de aard en de ernst van het bewezenverklaarde feit de oplegging van een forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf. De rechtbank komt tot een lagere gevangenisstraf dan door de officier van justitie is geëist. Dit komt doordat de verdachte van feit 2 wordt vrijgesproken. Bij het bepalen van de strafsoort en de duur daarvan houdt de rechtbank rekening met straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd. Verder is bij het bepalen van de hoogte van de straf rekening gehouden met de omstandigheden waaronder het feit is begaan: er is sprake geweest van een kogelregen, waarbij in het wilde weg op straat is geschoten terwijl daar veel mensen waren.
Dit alles maakt dat aan de verdachte een gevangenisstraf van acht jaren met aftrek van voorarrest wordt opgelegd.
De gevangenisstraf zal worden tenuitvoergelegd binnen de penitentiaire inrichting, totdat aan de verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend.

6.Voorlopige hechtenis

De raadsman heeft verzocht om de voorlopige hechtenis op te heffen. Gelet op enerzijds de aanwezigheid van de ernstige bezwaren, de recidivegrond, het vluchtgevaar en de twaalfjaarsgrond in combinatie met de ernstig geschokte rechtsorde en anderzijds de hoogte van de opgelegde straf, ziet de rechtbank daartoe geen aanleiding. Het verzoek wordt afgewezen.

7.Vorderingen van de benadeelde partijen

[benadeelde partij 1]
heeft als benadeelde partij voor feit 1 impliciet subsidiair € 8.083,77 als vergoeding voor materiële schade en € 500,- als vergoeding voor immateriële schade gevorderd, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
[benadeelde partij 2]
heeft als benadeelde partij voor feit 1 impliciet subsidiair € 1.350,- als vergoeding voor materiële schade gevorderd, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
7.1.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de [benadeelde partij 1] geheel kan worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
De officier van justitie heeft zich verder op het standpunt gesteld dat de vordering van de [benadeelde partij 2] niet kan worden toegewezen. Uit de toelichting bij de vordering blijkt dat het vernielde raam door de woningbouwvereniging is vergoed. Ten aanzien van de overige goederen, te weten de televisie, de stofzuiger en de gordijnen, ontbreekt een onderbouwing. De benadeelde partij dient daarom niet-ontvankelijk te worden verklaard in zijn vordering.
7.2.
Standpunt van de verdediging
De benadeelde partijen [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2] moeten niet-ontvankelijk worden verklaard in hun vorderingen, omdat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk is in de vervolging ten aanzien van feit 3 en de schade niet rechtstreeks te relateren is aan de feiten 1 en 2. Subsidiair heeft de verdediging ten aanzien van de [benadeelde partij 2] aangevoerd dat de vordering van de benadeelde partij dient te worden afgewezen, nu de vordering onvoldoende is onderbouwd.
7.3.
Oordeel van de rechtbank
[benadeelde partij 1]
Materiële schade
De rechtbank stelt vast dat de [benadeelde partij 1] rechtstreeks materiële schade heeft geleden als gevolg van het onder 1 impliciet subsidiair gepleegde strafbare feit. Er is voldoende causaal verband tussen het handelen van de verdachte – het in het wilde weg op een straat vol met mensen en auto’s schieten met een vuurwapen – en de schade aan de auto door kogelinslagen. Dit gedeelte van de vordering wordt toegewezen, omdat het voldoende is onderbouwd en de verdediging de vordering met onvoldoende argumenten heeft weersproken.
Immateriële schade
De rechtbank is van oordeel dat de benadeelde partij onvoldoende heeft onderbouwd dat zij rechtstreeks immateriële schade heeft geleden als gevolg van het onder 1 impliciet subsidiair gepleegde strafbare feit. Zonder nadere feitelijke toelichting, bijvoorbeeld in de vorm van een medische verklaring, is niet goed vast te stellen dat de beschadiging van haar auto en het schieten terwijl zij thuis lag te slapen bij haar heeft geleid tot immateriële schade. Dit gedeelte van de vordering zal daarom worden afgewezen.
[benadeelde partij 2]
De rechtbank is van oordeel dat de gevorderde materiële schade en het causaal verband onvoldoende zijn onderbouwd. De benadeelde partij heeft geen stukken in het geding gebracht waaruit blijkt welke schade hij heeft geleden en ook kan niet zonder meer worden vastgesteld dat die schade door het onder 1 impliciet subsidiair gepleegde strafbare feit is veroorzaakt. De benadeelde partij zal in zijn vordering niet-ontvankelijk worden verklaard.
7.3.1.
Wettelijke rente, proceskosten en schadevergoedingsmaatregel
[benadeelde partij 1]
De [benadeelde partij 1] heeft gevorderd de schadevergoeding te vermeerderen met de wettelijke rente. De rechtbank wijst de wettelijke rente toe vanaf 16 augustus 2025.
De rechtbank veroordeelt de verdachte in de proceskosten die de [benadeelde partij 1] heeft gemaakt en die zij bij de tenuitvoerlegging nog zal maken, omdat de vordering van de benadeelde partij grotendeels wordt toegewezen. Deze kosten worden tot vandaag begroot op € 0,-.
De rechtbank legt de schadevergoedingsmaatregel als bedoeld in artikel 36f Sr op. Dit betekent dat de verdachte de schadevergoeding aan de staat moet betalen en de staat het bedrag uitkeert aan de [benadeelde partij 1] . Als dwangmiddel kan gijzeling worden toegepast voor de duur van maximaal 65 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
[benadeelde partij 2]
Aangezien de [benadeelde partij 2] niet-ontvankelijk in zijn vordering zal worden verklaard, zal de verdachte niet worden veroordeeld in de kosten die door de benadeelde partij zijn gemaakt.

8.Wettelijke voorschriften

De oplegging van deze straf is gebaseerd op de artikelen 36f, 45 en 287 van het Wetboek van Strafrecht.

9.Beslissingen

De rechtbank:
Voorvragen
verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging van de verdachte ten aanzien van feit 3;
verklaart de officier van justitie voor het overige ontvankelijk in de vervolging van de verdachte;
Vrijspraak
verklaart niet bewezen dat de verdachte de feiten 1 impliciet primair en 2 heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij;
Bewezenverklaring
verklaart bewezen dat de verdachte feit 1 impliciet subsidiair, zoals in hoofdstuk 3 is omschreven, heeft gepleegd;
Kwalificatie en strafbaarheid
stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert het in hoofdstuk 4 vermelde strafbare feit;
verklaart de verdachte strafbaar;
Straf
Gevangenisstraf
veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstraf van 8 (acht) jaren;
beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de gevangenisstraf, voor zover deze tijd niet al op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;
Vorderingen benadeelde partijen
verklaart de [benadeelde partij 2] niet-ontvankelijk in de vordering (ten aanzien van feit 1 impliciet subsidiair);
veroordeelt de verdachte, aan de [benadeelde partij 1] (ten aanzien van feit 1 impliciet subsidiair), te betalen een bedrag van € 8.083,77, als vergoeding van materiële schade, en de wettelijke rente hierover vanaf 16 augustus 2025 tot de dag van volledige betaling;
wijst af het door de [benadeelde partij 1] meer of anders gevorderde;
veroordeelt de verdachte in de door de [benadeelde partij 1] gemaakte proceskosten, tot op vandaag begroot op € 0,- en in de nog te maken kosten voor de tenuitvoerlegging van dit vonnis;
veroordeelt de [benadeelde partij 2] in de kosten die de verdachte heeft gemaakt voor de verdediging tegen de vordering, en begroot deze kosten op € 0,-;
legt aan de verdachte ten aanzien van feit 1 impliciet subsidiair
de maatregel tot schadevergoedingop, wat inhoudt dat de verdachte de verplichting heeft om ten behoeve van de [benadeelde partij 1] aan de staat
€ 8.083,77te betalen, en de wettelijke rente vanaf 16 augustus 2025 tot aan de dag van de gehele betaling. Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van maximaal
65 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.

10.Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:
mr. A.P. Hameete, voorzitter,
en mrs. I. Bouter en D.M. Douwes, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. J. van Twist, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 20 januari 2026.
Mrs. Hameete, Douwes en Van Twist zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.

Voetnoten

1.De exacte vindplaatsen van de bewijsmiddelen zijn genoemd in de bijbehorende voetnoot. Als wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het zaaksdossier DALTON / RT4R025144 met nummers [nummer 12] en [nummer 13].
2.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 2], pagina 102 t/m 116.
3.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 3], pagina 80 t/m 88.
4.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 4], pagina 89 t/m 94.
5.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 5], pagina 190 en 191.
6.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 6], pagina 192 en 193.
7.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 7], pagina 122 en 123.
8.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 8], pagina 135 t/m 137.
9.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 9], pagina 57 t/m 75.
10.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 10], pagina 138 en 139.
11.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 11], pagina 140 en 141.
12.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 12], pagina 143 t/m 145.
13.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 13], pagina 146 t/m 151.
14.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 14], pagina 152 t/m 158.
15.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 15], pagina 159 t/m 189.
16.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 16], pagina 384 en 385.
17.Zaaksdossier DALTON, [proces-verbaalnummer 17], pagina 194 t/m 200.
18.Rapport van het Nederlands Forensisch Instituut, zaaknummer [nummer 14], datum 26 november 2025, pagina 228 t/m 231 van het zaaksdossier.
19.Zaaksdossier DALTON, procesverbaalnummer [proces-verbaalnummer 18], pagina 238 t/m 266.
20.Zaaksdossier DALTON, procesverbaalnummer [proces-verbaalnummer 19], pagina 310 t/m 344.